vrijdag 31 mei 2013

Drie gesponsorde sportjournalisten nemen deel aan eerste Zuid-Amerika Spelen voor sportjournalisten

Gesponsord op weg naar Colombia..... (Bron foto: Oosterwolde/dWT)
Sportief gesponsord uitje doet Vereniging van Sportjournalisten in Suriname ontwaken

31-05-2013 Door: Paul Kraaijer


Paramaribo – Een sportief uitstapje van drie gesponsorde Surinaamse sportjournalisten naar de eerste Zuid-Amerikaanse Spelen voor sportjournalisten ofwel de ‘Juegos AIPS Americas’ (Association Internationale De La Presse Sportive) in de Colombiaanse stad Medellin, heeft mogelijk de in ruste zijnde Vereniging van Sportjournalisten in Suriname (VSJS) weer doen ontwaken.

Desney Romeo van ABC TV, Quaraisy Nagessersing van QN Sports en de Ware Tijd sportjournalist Terence Oosterwolde vertrokken vol goede moed naar Colombia om van 19 tot en met 24 mei aan die ‘spelen’ deel te nemen. Van de deelnemende sporten (zaalvoetbal, atletiek, bowlen, tafeltennis, biljarten en schaken) namen de drie Surinaamse sportjournalisten alleen deel aan bowlen.... Ze behaalden, nota bene aangevuld met de Boliviaanse sportjournalist José Espinoza, de vijfde plaats – van acht deelnemende landen - bij dit onderdeel en dat was volgens Desney Romeo zelfs een hele prestatie: ‘Een hele prestatie. Ik ben trots, omdat we geen bowlers zijn. Bowlen is iets wat wij sportjournalisten nooit doen’, zo zei hij 22 mei in de Ware Tijd.

In totaal namen ongeveer 150 journalisten uit 18 Midden- en Zuid-Amerikaanse landen deel aan deze games.

De Surinaamse journalisten vertrokken overigens ook nog eens goed gesponsord en dat liet Oosterwolde dan ook ongegeneerd in zijn eigen krant de lezers weten: ‘(...) De sportjournalisten zijn gekleed door Wim IJzer van sportwinkel Topsport. Hij voorzag de groep van een poloshirt, een T-shirt, een volledig trainingspak en een paar loopschoenen en sokken, allemaal van het merk Puma. Ook Shawn's Import and Logistics hebben de trip mogelijk gemaakt. (...)’ Enige journalistieke objectiviteit en onafhankelijkheid is bij de drie Surinaamse sportjournalisten ver te zoeken. Maar, waarom ze loopschoenen meekregen? Voor bowlen?

Romeo, Nagessersing en Oosterwolde keerden zonder welke medaille dan ook terug naar Suriname. Hun Colombiaanse collega’s wonnen bij alle takken van sport. Alleen bij schaken moest het gastland Cuba voor zich dulden.

Toch meer een leuk ‘netwerk’ uitje
Misschien was het voor de drie Surinaamse sportjournalisten toch meer een leuk uitje en kwam de sport op de tweede plaats..... Hun deelname dankten zij overigens aan de voorzitter van de vereniging van Colombiaanse sportjournalisten, Carlos Julio Castellanos, die een speciaal verzoek voor de Surinamers richtte aan de organisatie om hen deel te mogen laten nemen. Alle lidlanden van de ‘International Sports Press Association’ (AIPS) waren namelijk officieel uitgenodigd, maar de Vereniging van Sportjournalisten in Suriname functioneert al vele jaren niet meer. Toch wordt de VSJS nog vermeld op de website van de AIPS:

 

Wederopstanding van VSJS? De VSJS werd geleid door Romeo. Hij liet op 18 mei via de Ware Tijd weten deelname aan het sportevenement in Colombia belangrijk te vinden. ‘Omdat we de banden met de andere landen kunnen aanhalen, maar het is ook een goede gelegenheid om de vereniging te heractiveren. Ik heb al gesprekken met enkele leden gehad om de VSJS weer nieuw leven in te blazen.’
Net als Romeo vindt ook Nagessersing dat het van cruciaal belang dat de Vereniging van Sportjournalisten in Suriname nieuw leven wordt ingeblazen. ‘Dit is the point of no return. Niets gaan ons tegen kunnen houden. Eind augustus moet de VSJS er weer staan.’

 

‘Het is zwaar, maar ik hou vol’
Tijdens de ‘spelen’ werd Nagessersing uitgeleend aan het zaalvoetbalteam van Mexico, dat met slechts vier spelers was afgereisd naar Medellin. Ook een Colombiaan en een Braziliaan werden aan het team toegevoegd, waaruit blijkt dat niet echt gesproken kon worden van serieuze ‘spelen’.... Een echte sporter is de Surinaamse sportjournalist niet en dat erkende hij ook ruiterlijk in de Ware Tijd van 22 mei: ‘Ik sport niet zo intensief meer. Ik moet steeds alles doen om de hele wedstrijd te spelen, het is zwaar, maar ik hou vol.’ Bij het bowlen eindigde hij overigens als elfde ‘overall’.

Het is niet geheel duidelijk waarom zowel Romeo als Nagessersing vinden dat de vereniging van sportjournalisten weer nieuw leven moet worden ingeblazen. Echte argumenten daarvoor hebben zij niet aangevoerd. Het lijkt een impulsieve gedachte opgekomen tijdens een gezellig ‘uitlandig’ reisje en tijdens de contacten met ‘Latino’ collega’s die wel verenigd zijn in hun landen.

Is een VSJS nodig?
Waarom dus in Suriname een slapende sportjournalistenvereniging wakker kussen, terwijl een Surinaamse Vereniging van Journalisten (SVJ) min of meer actief probeert te zijn. Natuurlijk hebben sportjournalisten bij tijd en wijle hun eigen specifieke issues. Maar, ook dan zouden zij steun kunnen zoeken bij de SVJ.

Zoals in januari 2012 toen door de sportjournalisten in een weekeinde geen berichten over voetbalwedstrijden werden uitgezonden als maatregel tegen wangedrag van de ondervoorzitter van Inter Moengo Tapoe, Ronald Kwassie, en het uitblijven van maatregelen door de Surinaamse Voetbalbond (SVB) tegen hem. Op 21 januari had Kwassie zich misdragen tegenover sportjournalist Nagessersing. Hij gebruikte vulgaire termen in bijzijn van SVB-bestuursleden en sportjournalisten. Toen Kwassie zag dat Nagessersing niet reageerde op zijn scheldkanonnade, begon hij te dreigen dat hij in zijn gezicht zou spuwen. Ook toen reageerde Nagessersing niet, wat reden was voor Kwassie om helemaal in zijn gezicht te gaan en te zeggen I wan sjie dat m'e spiet in joe M P P fesi?

Een paar weken later werd een sportjournalist van het Dagblad Suriname met de dood bedreigd door de trainer van SV Notch, Joel Martinus alias Bordeaux. De trainer zei op 18 februari 2012 – na de wedstrijd tussen Inter Moengo Tapoe en Robinhood, ten overstaan van getuigen dat de journalist doodgeschoten zou worden indien hij zonder te bellen, een bericht over hem zou plaatsen in de krant.
Volgens de trainer is hij een ‘taliban’ en is hij voor niets en niemand bang. Volgens zijn bewoordingen zou hij de sportjournalist gewoon neerknallen als zijn naam in de krant zou worden genoemd. De bedreigingen werden herhaald, in het bijzijn van onder andere collega-journalisten Desney Romeo en Terrence Oosterwolde. De krant diende een klacht in bij de politie tegen de doodsbedreiging.

Surinaamse sportjournalisten kwamen eind mei vorig in jaar in conflict met voetballer Milano Koenders van NAC Breda, aanvoerder van de Suriprofs/Natio-selectie, na de wedstrijd tegen Guyana tijdens de persconferentie. Koenders verweet de pers een negatieve houding na de 1-2 nederlaag tegen de Guyanese 'B-selectie' en niet open te staan voor de vernieuwingen binnen het Surinaams voetbal. De aanwezige sportjournalisten maakten hem echter duidelijk dat hij niet met dit soort zaken op een persconferentie moest komen en dat journalisten wereldwijd vragen stellen aan de hand van hun inzichten. De geïnterviewde hoeft het daarmee dan niet eens te zijn, maar dient wel op een correcte en gepaste wijze antwoord te geven, aldus de aanwezige sportjournalisten. Verder sierde het, aldus de sportjournalisten, een aanvoerder van een nationale selectie niet op deze wijze de pers te bejegenen.

Koenders kreeg ook de wind van voren toen hij de ‘slechte’ kwaliteit van de grasmat de schuld voor het verlies gaf. Immers, aldus onder andere sportjournalist Nagassersing, ook Guyana speelde op datzelfde veld.

Journalisten jammeren iets te snel
Het gebeurt echter vaker in Suriname dat, welk soort journalist dan ook, journalisten problemen hebben met antwoorden die zij kregen op door hun gestelde vragen aan bijvoorbeeld politici, ministers, etcetera. Ze moeten het echter met de verkregen antwoorden doen, hoe ontevreden ze er ook over mogen zijn. Je vraagt en krijgt antwoord, soit. Wil je als journalist meer informatie in een antwoord willen horen, dan zijn er andere kanalen om die informatie alsnog te verkrijgen. Een goed journalist weet dat.

Journalisten willen hier graag een bepaalde status, respect en waardering verwerven. Met regelmaat klagen ze daarover, het gebrek aan waardering. Maar, die status, dat respect en die waardering gaan het licht pas zien, zodra de Surinaamse journalist zijn werk serieus gaat nemen en gaat werken aan een verbeterde journalistieke inhoudelijke kwaliteit van zijn of haar producten.

</

dinsdag 28 mei 2013

‘Ze’ schrijven maar wat bij de Ware Tijd

Informatie wordt niet gecontroleerd

Eindredacteur in geen velden of wegen te bekennen en een lantaarnpaal met verlichting......

28-05-2013 Door: Paul Kraaijer


Paramaribo - Hoe bedroevend is het kennisniveau van de de Ware Tijd-journalist, in dit geval Beta Debidien. Ze schrijven gewoon maar wat, zonder info en dergelijke te checken en goed te schrijven. Dit is slechts een voorbeeld van alle dag, maar het laat maar weer eens zien hoe zichzelf journalist noemende figuren de kranten hier weten te vullen.

Debidien schrijft vandaag, dinsdag 28 mei, in een artikel over het openstellen van het opgeknapte Corantijnstrand in het district Nickerie, over 'de Small Grand Programme (SGP) van de UNDP'.....

Het moet natuurlijk zijn 'het Small Grants Programme (SGP) van het VN Ontwikkelings Programma'.

UNDP? Wie weet nu waar dat voor staat? Waarom legt Debidien niet even uit waar UNDP voor staat: het United Nations Development Programme.

Kennelijk heeft die Debidien geen idee wat ze heeft geschreven..... Mogelijk worden het brein en het verstandelijk vermogen automatisch uitgeschakeld zodra er signalen vanuit de hersenen naar de vingertoppen gaan om de toetsen op het toetsenbord van de computer te beroeren.

Daarnaast vermeldt ze ook nog, dat op het terrein lantaarnpalen ‘met verlichting’ zijn ‘aangebracht’....... Lantaarnpalen hebben toch altijd verlichting, anders zijn het toch geen lantaarnpalen. Waarom lantaarnpalen plaatsen, als ze geen verlichting zouden hebben?

Overigens heeft de krant waarschijnlijk geen eindredacteur meer in dienst, want jemig de pemig, wat een foutencircus, wekelijks zes dagen in de papieren krant en zeven dagen in de week in de online editie.....verschrikkelijk. Een leerling uit groep 6 zou het beter kunnen doen....

maandag 27 mei 2013

De Ware Tijd en Starnieuws verzuimen weer bron foto te vermelden......

Niet vermelden bron foto leidt tot plagiaat

'Sterreporter' Ivan Cairo liep te hoop tegen plagiaat als het om eigen artikelen gaat

27-05-2013 Door: Paul Kraaijer


Paramaribo - Was het niet de vermeende sterreporter van de Ware Tijd, Ivan Cairo, die in januari van dit jaar, in reactie op de door de Surinaamse Vereniging van Journalisten (SVJ) gehouden Journalistenweek waarin plagiaat centraal stond, te hoop liep tegen plagiaat? Maar, dan wel met betrekking tot plagiaat van door hem geschreven artikelen natuurlijk. Voor wie het niet meer weet, klik hier. Datzelfde gold voor Starnieuws en haar webredacteur Wilfred Leeuwin, die ook nog eens voorzitter is van de SVJ.....

Zowel webredacteuren van Starnieuws als journalisten, waaronder ook Ivan Cairo, van de Ware Tijd, verzuimen echter zelf met grote regelmaat bronnen bij artikelen en foto's te vermelden. Hypocrisie en ijdeltuiterij zijn in de Surinaamse journalistiek niet vreemd. Feitelijk is het de pot verwijt de ketel.
Ik zou wekelijke hier allerlei voorbeelden kunnen plaatsen om die hypocrisie en ijdeltuiterij aan de schandpaal te nagelen en om, voor zover dat mogelijk is in het hautaine en arrogante journalistieke wereldje hier, wat zelfreflectie op te dringen aan het Surinaamse journalistieke veld.

Zowel Starnieuws als de Ware Tijd Online, in de persoon van Cairo, besteden vandaag aandacht aan het bezoek van president Desi Bouterse aan Venezuela, waar het staatshoofd een conferentie van de UNASUR (Unión de Naciones Suramericanas) bijwoont. In beide artikelen zijn foto's geplaatst van de aankomst van Bouterse in Caracas.


Maar, zowel Starnieuws als Ivan Cairo verzuimen om de bron van 'hun'artikel en foto te vermelden en dat is waarschijnlijk Radio Mundial in Venezuela.

De foto's zijn afkomstig van 'MPPRE', het Venezolaanse ministerie van Buitenlandse Zaken

Het is, ik kan het niet anders verwoorden, typisch Surinaams dat mensen - en dus ook journalisten - kritisch zijn ten aanzien van anderen, mensen te snel veroordelen, beschuldigen en verwijten maken, enzovoorts en daarbij 'vergeten' om ook eens hun eigen handelen en houding kritisch tegen het licht te houden en niet alleen met beschuldigende vingers naar anderen te wijzen.

UPDATE: In de loop van de middag stond plotseling bij de foto in de Ware Tijd Online 'Radio Mundial' als bron bij het foto-onderschrift vermeld. Zou Cairo lucht hebben gekregen van mijn artikeltje....??? 
Een dag later, dinsdag 28 mei, heeft Starnieuws bij een tweede berichtje over het bezoek van Bouterse aan de UNASUR-conferentie onder dezelfde foto als de foto die gistermiddag is geplaatst op de Ware Tijd Online, bij de foto als bron vermeld 'MPPRE', zonder verder uit te leggen waar die afkorting voor staat. Mogelijk  heeft de webredactie van Starnieuws ook dit artikel onder ogen gekregen.

Starnieuws en de Ware Tijd, vermeldt gewoon eens netjes, zoals het in het journalistieke metier hoort, de bron, kleine moeite toch? Dus dat, ai boi.......en de SVJ slaapt door en heb ik sinds de Journalistenweek in januari van dit jaar eigenlijk niet meer gezien of gehoord over plagiaat en de acties die zij daartegen onderneemt......

zondag 26 mei 2013

Starnieuws verre van een kwalitatief goed journalistiek product

Redactie vermeldt iets te vaak geen namen van geïnterviewde bronnen

Starnieuws voldoet niet aan journalistieke verwachtingen 

Waarom willen mensen vaak niet met naam en toenaam vermeld worden als ze iets te melden hebben in de media en waarom werken media mee aan dat ‘anonieme’ gedrag?

26-05-2013 Door: Paul Kraaijer


Paramaribo – Surinaamse kranten hebben er een handje van om in artikelen – anonieme – bronnen, getuigen, deskundigen, critici, enzovoorts aan te halen, te citeren. Het is een storende vorm van ‘nieuws’-vergaring die journalisten hier te gemakkelijk hanteren. Je kunt je afvragen waarom journalisten dat doen. Maar ook, waarom mensen kennelijk niet met naam en toenaam genoemd willen worden in artikelen. Durven zij, om wat voor reden dan ook, niet ‘en plein public’ hun mening, visie, getuigenis, verklaring en dergelijke te uiten? In ieder geval komt het te vaak voor in de Surinaamse media en dat is een kwalijke ontwikkeling.

‘Anonieme’ bronnen krijgen te veel vrijheid van media
Het is ook kwalijk dat journalisten kennelijk te gemakkelijk meewerken om ‘anoniemen’ het woord te gunnen in hun artikelen. Maar, het is een zeer onzorgvuldige en bedenkelijke wijze van journalistiek bedrijven waar eigenlijk paal en perk aan zou moeten worden gesteld. Daarnaast schrijven vele journalisten van kranten en ook webredacteuren van de nieuwswebsite Starnieuws te vaak dat zij iets ‘vernomen’ hebben. Maar, over van wie of van wat of uit welke hoe zij iets ‘vernomen’ hebben, daarnaar mag de lezer in het duister tasten.
Overigens, ook hier geldt weer: de Surinaamse Vereniging van Journalisten (SVJ) is in geen velden of wegen te bekennen. Neen, die zal nimmer een werkelijk kritische houding durven aan te nemen tegen de eigen, kleine, achterban.

‘Deskundigen’ en ‘critici’ zonder naam opvoeren
Dat het kwalijk is om als journalist in een artikel mensen te citeren zonder hun namen te vermelden, blijkt vandaag uit een artikel van Starnieuws webredacteur èn voorzitter van de SVJ Wilfred Leeuwin.
Van hem is vandaag op de nieuwswebsite een artikel verschenen over de nieuwe gratis ziektekostenverzekering in Suriname voor jongeren tot 16 jaar en voor 60+’ers waarvoor verzekeringsmaatschappijen zich voor uitvoering tot 7 juni kunnen aanmelden:


Het is een mooi initiatief van de regering Bouterse-Ameerali, maar het wordt al omgeven door de nodige kritische geluiden uit de sector gezondheidszorg en uit een paar vakbonden. De nieuwe verzekering zou financieel niet haalbaar zijn en er worden vraagtekens geplaatst bij de deskundigheid bij verzekeringsmaatschappijen als het gaat om de gezondheidszorg. Die deskundigheid is wel bij het Surinaamse Staatsziekenfonds (SZF), vandaar dat velen ervoor pleiten om de verzekering bij het SZF onder te brengen.

Veel vraagtekens
Leeuwin tracht in zijn artikel de negatieve aspecten en risico’s van de nieuwe verzekering onder de aandacht te brengen. Maar, daarvoor baseert hij zich in zijn artikel op uitlatingen van 'deskundigen in de gezondheidszorg en critici', die hij niet met naam en toenaam vermeldt in zijn artikel.
Hoe weet ik nu met 100% zekerheid weten of Leeuwin werkelijk deskundigen en critici heeft gesproken?
Hoe weet ik nu als lezer hoe deskundig en betrouwbaar alle opmerkingen van die zogenoemde 'deskundigen' en 'critici' zijn?
Wie zijn die vermeende ‘deskundigen’ en ‘critici’?
Waarom worden ze niet even gewoon met naam en toenaam vermeld?

Bedenkelijke vorm van journalistiek bedrijven
Hoe open en objectief zijn Starnieuws en webredacteur Leeuwin? Een dergelijk artikel roept juist meer vragen dan antwoorden op..... Iedere lezer krabt zich bij het lezen van het Leeuwin-artikel (die overigens graag zijn naam onder het artikel wil zien prijken) achter de oren en zou graag willen weten welke ‘deskundigen’ en ‘critici’ Leeuwin heeft gesproken.
Maar, Leeuwin houdt wellicht bewust graag zijn ‘bronnen’ anoniem om het artikel een zweem van ‘interessant’ geheimzinnig mee te geven....
Hij realiseert zich echter niet, dat hij – SVJ-voorzitter – hiermee een bedenkelijke vorm van journalistiek bedrijft, maar die wel, helaas, past in de cultuur van het al dan niet anoniem via en in de media reageren, schelden, vuil smijten en zwart maken die hier dagelijks heerst.

Noot:
Twee dagen later, op 28 mei, plaatste Starnieuws weer een artikel waarin de webredactie zich een aantal malen baseert op niet met naam en toenaam vermelde bronnen.
Zo is onder andere te lezen:
'(...) Door de naschoolse opvang, het ter beschikking stellen van schoolvervoer voor avondscholieren en de uitbreiding van het aantal trajecten was de werkdruk sinds het vorige jaar nog meer toegenomen, verneemt Starnieuws. (...)' en '(...) Om goed te kunnen draaien zou de afdeling nog minstens vier administratieve krachten, twee controleurs en een assistent-systeembeheerder moeten aantrekken, wordt aan Starnieuws meegedeeld. (...)'


Wordt aan Starnieuws meegedeeld. Door wie? Je zou kunnen gaan denken dat de webredactie zo maar iets schrijft.....moet ik al hetgeen door Starnieuws wordt geschreven voor zoete koek aannemen, geloven, wanneer te vaak geen bronnen worden vermeld?

zaterdag 25 mei 2013

Bericht niet over zaken waar je als journalist zelf niets van begrijpt

Journalisten schrijven zonder kennis van zaken over ‘ratings’ van ratingbureaus

Kredietbeoordelingen gesneden koek voor financieel deskundige, maar niet voor Surinaamse journalist

25-05-2013 Door: Paul Kraaijer


Paramaribo – Zowel de Surinaamse krant de Ware Tijd als nieuwswebsite Starnieuws berichtten gisteren over een nieuwe ‘rating’ voor Suriname van Fitch Ratings in het Amerikaanse New York.  

‘Voor de lange termijn buitenlandse en lokale valuta scoort Suriname BB-. De kwalificering voor de korte termijn is B. Van Fitch Ratings krijgt het land gemiddeld BB-.’, aldus Starnieuws.


Journalist Ivan Cairo schrijft in de Ware Tijd: ‘(...) Ratingbureau Fitch Ratings heeft Surinames lange termijn kredietpositie vastgesteld op ‘BB-min’. (...) Voor de korte termijn is de kredietwaardigheid gesteld op ‘B’ (...)’.


Bij het lezen van beide artikelen bekruipt mij het gevoel dat de schrijvers van het proza beiden niets begrijpen van wat zij geschreven hebben. Beide schrijvers hebben in ieder geval niet de moeite genomen om hun lezers uit te leggen wat nu precies de betekenis is van B en BB-. Waarschijnlijk hebben zij dat niet gedaan, omdat ze het zelf totaal niet begrijpen en niet de moeite hebben genomen om het te begrijpen.

Neen, ze zagen een bericht op Reuters (dat het officiële persbericht van Fitch Ratings heeft overgenomen), en dachten, 'kom laten we het proberen een beetje te vertalen en dan mogen onze lezers het zelf verder wel uitzoeken'...... Zo komen beide artikelen op mij over. Het is ‘journalistiek’ van een bedenkelijk niveau.

Ook ik ben geen (bedrijfs-)econoom, maar gewoon een schrijver en ook geen financieel analist of iets dergelijks. Ik zal me dan ook nooit wagen aan het schrijven van een artikel naar aanleiding van een nieuwe ‘rating’ van Fitch Ratings, Moody's Investors Service of van Standard & Poor's: ik begrijp er immers geen snars van. Ivan Cairo en de schrijver van het stukje proza op Starnieuws, denken waarschijnlijk wel deskundig te zijn, maar vallen door de mand. Overigens heeft Starnieuws voor de zekerheid maar de naam van de auteur weggelaten......

Dat ‘ratings’ ofwel ‘kredietbeoordelingen’ niet eenvoudig zijn, blijkt wel uit het speciale pdf-document van zestig pagina’s dat te downloaden is via de internetsite van Fitch Ratings.... Abacadabra voor een leek als ik en de Starnieuws webredacteur en de Ware Tijd sterreporter Ivan Cairo.

Een zogenoemd journalist die zich waagt aan het schrijven van een artikel of het simpelweg vertalen van een buitenlands artikel over ‘ratings’, maar daar geen enkel verstand van heeft, neemt zijn vak èn zijn lezers niet serieus. Lezers hebben niets aan zo’n artikel, begrijpen er niets van en kunnen ook tussen de regels door lezen dat de schrijver ervan er ook niets van begrijpt...... Schoenmaker hou je bij je leest....

woensdag 22 mei 2013

Suriname kan maar niet wennen aan auteursrecht en......SASur

Auteursrechtenorganisatie SASur wordt met alle, lage, middelen door ‘muziekwereld’ bestreden

Minister van Justitie en Politie trekt beschikking in: SASur zou gevaar voor samenleving zijn

Kranten melken SASur-kwestie uit en laten zich voor karretje muziekgebruikers spannen

22-05-2013 Door: Paul Kraaijer


Paramaribo – Klein Duimpje tegen de reus, Calimero ‘zij zijn groot en ik ben klein’, Don Quichot tegen de windmolens ofwel SASur en de Surinaamse ‘muziekwereld’... De Stichting Auteursrechten Suriname, SASur, krijgt het de laatste weken zwaar te verduren vanuit de wereld van muziekafspelers. Het begint op een heuse soap te lijken. Hoofdrolspeler Prim Ramlal, voorzitter van SASur, heeft al die aandacht echter wel deels aan zichzelf te wijten.

Plotseling veel weerstand tegen SASur om betaling auteursrechten te voorkomen
SASur bestaat al een aantal jaren, maar pas sinds kort komt er plotseling weerstand tegen deze organisatie en ook tegen de voorzitter als persoon, omdat zij werk is gaan maken van datgene waarvoor zij in het leven is geroepen: ervoor zorgen dat componisten en musici wat verdienen aan hun muziekwerken. Het zijn de muziekafspelers in het land die zich de afgelopen jaren weigerachtig hebben opgesteld. Niemand wil werkelijk ook maar een cent aan SASur en dus aan componisten en musici afdragen. Die muziekgebruikers beweren wel dat ze wel willen betalen, maar in werkelijkheid willen ze dat niet of als het dan toch moet zo weinig mogelijk. Als zij de volle mep zouden moeten gaan betalen, dan konden wel eens een paar zenders uit de ether gaan verdwijnen..... Jarenlang hebben zij de Auteurswet 1913 ontlopen genegeerd en het is SASur die ze simpelweg met de neus op de feiten heeft gedrukt.

Auteursrechten leek Belfort trekt beschikking SASur in
Het voorlopig laatste hoofdstuk in deze jaren voortdurende soap is zaterdag 18 mei geschreven voor de minister van Justitie en Politie, Edward Belfort. Als een soort wanhoopspoging trok hij die dag de beschikking van de auteursrechtenorganisatie waardoor die sinds zaterdag weer enige tijd vleugellam zal zijn. Het besluit van Belfort volgt na druk vanuit met de Vereniging van Radio- en Televisiebedrijven in Suriname, onder voorzitterschap van de directeur van Sky Radio & Televisie Anwar Lall Mohamed, en vanuit het Surinaamse parlement, De Nationale Assemblee. Als argument voor zijn impulsieve en ondoordachte besluit voerde de bewindsman aan, dat SASur een gevaar voor de samenleving zou zijn. Een argument dat waarschijnlijk geen stand zal houden in de rechtszaal: Ramlal heeft aangekondigd de staat voor het gerecht te slepen om het besluit van Belfort terug te draaien. Hij vindt het intrekken van de beschikking een lachertje.

Roti-man Doerga
Daarentegen wordt het besluit als een soort geschenk uit de hemel bejubeld door mensen als Anwar Lall Mohamed en Sammy Doerga, showorganisator en eigenaar van Alu Rotishop aan de L'Hermitageweg , waar je zelfs terecht kunt voor een roti burger..... Tja........ een roti specialist die denkt ook nog eens deskundig te zijn op het terrein van auteursrecht?
Doerga laat zich graag zien op televisie om SASur en Prim Ramlal zwart te maken en van alles en nog wat te beschuldigen.
Via zijn Facebookpagina meende hij zelfs op 18 mei namens de hele Surinaamse bevolking te spreken: ‘(...)Zowel de DNA (De Nationale Assemblee), als de Regering en de totale Surinaamse gemeenschap willen af van Sasur. (...)’ Maar, is dat wel zo?? Verder zei hij onder andere in reactie op het besluit van minister Belfort, de minister met het omhoog geheven wijsvingertje en de belerende toon: ‘Wij blijven alert en geven de minister alle ondersteuning die nodig is. Hij heeft een moedige stap ondernomen en heeft daadkracht getoond.’
Moedig?
Daadkracht?
Onzin, hij had immers al in een veel eerder stadium de beschikking kunnen intrekken. Maar, om redenen zag hij daar steeds van af. Kennelijk werd de maatschappelijke- en politieke druk hem iets te veel......

SASur gevaar voor de samenleving?
Ik zal me wel buiten de maatschappij plaatsen, maar ik ben het volledig eens met de opmerking van Prim Ramlal dat de beslissing van Belfort een ‘lachertje’ is. Het duidt erop dat er werkelijk niemand binnen zijn ministerie werkzaam is, die ook maar enig verstand van auteursrecht heeft.
Mijn eerste reactie op het bekend worden dat minister Belfort de beschikking van SASur heeft ingetrokken om de veiligheid van de samenleving te beschermen, was ook: wat een kul reden!
Hoe kan in vredesnaam een stichting die zich bezighoudt met auteursrechten een gevaar zijn voor de samenleving?
Het zijn juist de opponenten die met hun opruiende acties en taalgebruik die veiligheid min of meer een beetje in gevaar brengen..... toch?
Zijn het niet die organisaties die in een clipje op televisie onafgebroken het kantoor van SASur in beeld brengen met eronder vermeld het adres?
Wat beogen die organisaties hiermee?
Is het een publieke uitnodiging om SASur eens een bezoekje te brengen?
Het zijn die organisaties, die als kleine kinderen tekeer gaan tegen met name de persoon Prim Ramlal, die een reëel gevaar zijn voor de samenleving.
De regering zelf is een gevaar voor de samenleving door in deze periode van het jaar weer niet in staat te zijn om wateroverlast in het land te voorkomen. Een paar honderd bewoners van dorpen langs de Cotticarivier in de omgeving van Moengo moesten vanwege wateroverlast door de hoge waterstand van de rivier geëvacueerd worden...... Vele straten en percelen in Paramaribo staan volledig onder water met alle gevolgen en risico's van dien.....
Kortom, SASur een gevaar voor de samenleving?? Laat Belfort de kwestie SASur in perspectief zien en niet uit zijn voegen blazen.

Diverse Assembleeleden willen overigens nu plotseling dat de Auteurswet 1913 binnen afzienbare termijn wordt gewijzigd en aangepast aan deze tijd. Duidelijk is dat de heren en dames politici geen kaas hebben gegeten van die wet, laat staan van auteursrechten. Met het wijzigen of aanpassen van deze oude wet verdwijnt niet het internationaal erkende feit ,dat zoiets als auteursrecht bestaat. Dat kun je niet uit de wet halen, niet even wegpoetsen, want dan plaats je je als Suriname buiten de internationale juridische realiteit van de dag.

Kritische kanttekeningen bij handelwijze Ramlal
Natuurlijk zijn er kritische kanttekeningen te plaatsen bij de werkwijze en met name de transparantie van en bij SASur. Die moet zij absoluut gaan verbeteren. Maar, in essentie mag SASur doen wat zij doet. Het muziekrepertoire dat zij in beheer heeft, is ook gewoon via de website toegankelijk alleen met je er even wat moeite voor doen. Het vermeend ontbreken van een repertoire was steeds een van de kritiekpunten van muziekgebruikers: wat is het repertoire?
In deze hele kwestie komt weer boven drijven hoe men hier in algemene zin 'kwesties' aanpakt middels ‘Mamjo-gedrag’: elkaar bestrijden via de media, beschuldigen, zwart maken (vuilsmijterij dus) en vergeten om eens als volwassenen met elkaar rond de tafel te gaan zitten en dan weet ik zeker dat er een voor iedereen acceptabele oplossing komt. Maar, door nu als muziekgebruikers in filmpjes op tv Ramlal van van alles en nog wat te beschuldigen, een on- en minvermogenkaart er bij te slepen (een ziektekostenkaart bedoeld voor mensen die geen inkomen hebben of dicht tegen de armoedegrens aan leven), het uiterlijk van het kantoorpand van SASur te bekritiseren.....

Olga Heijns en Buma/Stemra
Natuurlijk is het vreemd, dat Prim Ramlal en zijn echtgenote een on- en minvermogenkaart hebben, omdat ze geen salaris zouden ontvangen. Maar, volgens de Nederlandse Olga Heijns, van de Nederlandse uitgeverij Next Era, zou Ramlal op een jaarrekening over 2011 een jaarsalaris hebben opgevoerd van SRD 3.2 miljoen. Nu is die informatie overigens door niemand bevestigd en is de rol die deze dame vanuit het niets is komen spelen bedenkelijk te noemen. Zij dook op 10 mei op met een soort media offensief en beweert mede namens de Nederlandse auteursrechtenorganisatie van muziekauteurs Buma/Stemra in Suriname te zijn, die volgens haar nog nooit een cent aan royalty’s heeft ontvangen van SASur. Ook haar eigen bedrijf heeft nog geen SRD van SASur ontvangen. 
Maar, ze is hier ook met een eigen agenda: het opzetten van een vestiging van haar uitgeverij, waarvan overigens niets op het internet is te vinden.....
Maar, wie meer wil weten over deze dame, voormalig manager en zakenpartner van de Amerikaanse DJ Roger Sanchez, klik hier, hier en hier.
Woordvoerder Bas Erlings van Buma/Stemra bevestigt in de Ware Tijd van vandaag, 22 mei, dat sinds de oprichting van SASur in 2005 het Nederlandse auteursrechtenbureau nooit gelden heeft ontvangen van de Surinaamse organisatie. SASur zou bij navraag door Buma/Stemra hebben aangegeven dat haar kosten hoger lagen dan de inkomsten en dat er daarom tot nu toe geen financiële compensatie vanuit Suriname is overgemaakt. De reactie van Ramlal: ‘Zusterorganisaties zijn ervan op de hoogte, dat ze in de eerste jaren van bedrijfsvoering niet uitgekeerd zullen worden.’ Volgens hem zijn er zijn tal van redenen die per land verschillen waardoor auteursrechtenorganisaties niet meteen gelden kunnen afdragen en dat wordt onderling gedoogd. Dat wil echter nog niet zeggen, dat SASur vrij spel heeft en zomaar geld achterover zou kunnen drukken, zo schrijft de Ware Tijd. Dat is nogal een suggestief opmerking van de krant die met een dergelijke tekst SASur bewust lijkt te criminaliseren.

Maar, al die op Ramlal gerichte vuilsmijterij heeft weinig meer met de basis van het 'probleem' te maken: de wijze waarop SASur mediagebruikers benadert om gelden te innen. Die wijze is verkeerd en onhandig.
Die vuilsmijterij heeft tot doel het monddood maken van SASur-voorzitter Prim Ramlal, hem en zijn organisatie min of meer het zwijgen opleggen door druk op de persoon uit te oefenen en door allerlei ongefundeerde negatieve informatie over hem naar buiten te brengen, slechts bedoeld om de persoon Prim Ramlal (en zijn echtgenote) te beschadigen. Ik ben blij dat dat in ieder geval (nog) niet is gebeurd. Natuurlijk, zoals eerder gesteld, ik heb ook mijn vragen en kanttekeningen bij de gehanteerde werkwijze van SASur en Ramlal, maar beiden (!) hebben bestaansrecht en de wijze waarop ze nu door tegenstanders via de media worden bejegend is beneden alle peil en normen van normaal menselijk, volwassen, contact.

Bedenkelijke rol media
Afbeelding gebruikt door Radio 10
In de hele ‘kwestie’ SASur spelen de Surinaamse media ook een bedenkelijke rol. Kranten melken SASur volledig uit. Bijna iedere dag laten kranten bijvoorbeeld wel weer iemand aan het woord om zijn of haar gal te spuwen over de stichting en voorzitter Ramlal. Hoe meer vuilsmijterij hoe beter lijken bepaalde media te denken. De Ware Tijd blijkt, zo is af te leiden uit bepaalde tekstdelen in artikelen, zelfs partij tegen SASur gekozen te hebben en dan begeef je je als onafhankelijke objectieve krant op een gevaarlijk hellend vlak.

Die krant berichtte maandag 20 mei, dat op 4 en 5 juni in het Amerikaanse Washington de World Creators Summit zal worden gehouden. Op deze bijeenkomst, een initiatief van de wereld auteursrechtenorganisatie CISAC, komen muziekauteursrechtenorganisaties uit alle landen bijeen. De Vereniging van Radio- en Televisiebedrijven in Suriname wil dat de internationale muziekauteursrechtenorganisaties WIPO (World Intellectual Property Organization) en CISAC (Confederation of Authors and Composers Societies) spoedig op de hoogte gesteld worden van het feit dat minister Edward Belfort van Justitie en Politie de beschikking van SASur heeft ingetrokken.
De VRTS heeft naar aanleiding daarvan aan de minister van Buitenlandse Zaken, Winston Lackin, in een brief gevraagd om de Surinaamse ambassadeur in Washington te instrueren de leiding van die conferentie ‘officieel te berichten over de recente ontwikkelingen in ons land’, aldus de VRTS in haar brief. Via allerlei wegen tracht de VRTS SASur te dwarsbomen, alhoewel deze actie weinig zoden aan de dijk zal zetten. Immers, formeel is SASur weinig aan te rekenen en de organisaties bij welke de stichting is aangesloten, zullen volgens mij dan ook geen gronden hebben om SASur uit hun ledenbestand te gooien of te royeren, omdat een aantal Surinaamse muziekgebruikers dat oh zo graag zien gebeuren.

De partijdige de Ware Tijd......
Een dag later is in dezelfde krant te lezen dat de Auteurswet 1913 versneld door het parlement zal worden aangepast, ‘om de samenleving eindelijk te verlossen van SASur’. Woorden van de krant, die zich dus publiekelijk tegen SASur heeft gekeerd als vermeende onafhankelijke krant.......
De Nationale Assemblee roept zelfs een speciale coalitiecommissie in het leven om de behandeling van de Auteurswet 1913 voor te bereiden.
Als er bepaalde belangen in het geding zijn kunnen zo maar wetten versneld worden behandeld, terwijl er enkele conceptwetten al jaren op behandeling liggen te wachten: de Milieuwet, de Anti-Corruptiewet...... Maar, neen, de macht van mediadirecteuren en muziekgebruikers blijkt achter de schermen van de Assemblee en de regering aan bepaalde touwtjes te kunnen trekken waardoor marionetten tot leven komen.

Op naar de dvd......
Auteursrechten zijn een feit, gelden moeten worden geïnd, de Auteurswet 1913 is aan verandering toe, maar de aanpak van SASur en de geslotenheid (terwijl zij veel info op de website heeft, die volgens mij maar weinig betrokkenen hebben ingezien) zou een aanpak van meer transparantie, meer openheid en meer duidelijkheid moeten worden, dan zal ongetwijfeld veel kritiek verstommen en dan zullen vervolgens directeuren van mediabedrijven en muziekgebruikers wel weer andere argumenten vinden om maar onder het financiële juk van auteursrecht uit te kunnen komen.

Auteursrechten? Men moet er nog aan wennen....... Overigens mogen tv-directeuren nog blij zijn, want straks gaat SASur ze ook nog, terecht, aanspreken op het illegaal vertonen van films, documentaires, concerten, et cetera vanaf dvd's..... want dat mag dus niet. Wordt ongetwijfeld vervolgd......

zondag 19 mei 2013

Opgewonden standjes in Surinaams parlement

Assembleeleden winden zich met schaamrood op kaken op over ‘pornografie' in HAVO/VWO lesboek biologie op MULO

Stuitende selectieve verontwaardiging onder politici

19-05-2013 Door: Paul Kraaijer


Paramaribo – In Suriname kunnen parlementsleden zich soms druk maken om niets, vooral omdat zij zich niet goed vooraf over een issue hebben laten informeren. Neen, ze kaarten iets aan in De Nationale Assemblee, de Surinaamse Tweede Kamer, zonder van de hoed en de rand te weten, blazen een issue uit zijn proporties en maken van een mugje een olifant. Het parlement was donderdag 9 mei het toneel van een beschamende ‘pornografische’ voorstelling die nog zeker ruim een week bleef voortsudderen en zelfs op ministerieel laag, bedenkelijk, niveau.

Aanleiding was een gewoon Nederlands biologieboek met de titel ‘Biologie voor jou’ voor het eerste leerjaar van de HAVO en het VWO, dat per ongeluk bleek te zijn terecht gekomen op een MULO in het district Commewijne. Niets aan de hand zou je denken. Dat kan gebeuren. Maar, enkele Assembleeleden hadden er lucht van gekregen en vooral lucht van de volgens hun toch wel ‘pornografische’ inhoud van het lesboek. En dat was aanleiding om het onschuldige lesboek biologie op de agenda te plaatsen van het serieuze huis der democratie De Nationale Assemblee van 9 mei.

Selectief verongelijkte politici vinden dat regering ‘pornografie’ promoot
Eén van de voor haar beurt jammerende Assembleeleden was Diana Pokie van de BEP (de partij van Broederschap en Eenheid in de Politiek) uit het district Brokopondo. Zij vroeg zich hardop af of de regering niet bezig was om ‘pornografie te promoten’. Volgens het hevig verontwaardigde parlementslid was het gedeelte in het lesboek dat handelt over seksuele voorlichting, te ‘expliciet’ en ze zei dat te betreuren. Zo zouden seksuele handelingen met naam en toenaam beschreven worden en dat zou te ver gaan. De inhoud van het boek zou ook niet stroken met de Surinaamse cultuur. Haar collega Asiskumar Gajadien van de VHP (Vooruitstrevende Hervormings Partij), nooit vies van een stevige discussie in de Assemblee, ging zelfs zo ver door te stellen dat de regering strafbaar was door ‘pornografie te verspreiden’.

Voor de duidelijkheid, de betekenis van pornografie is boeken waarin opzettelijk seksuele zaken en handelingen worden beschreven om de lezer te prikkelen en het is ook een verzamelnaam voor films, afbeeldingen en verhalen die tot doel hebben de kijker seksueel te prikkelen. Een hoofdstuk ‘voortplanting’ in welk biologieboek dan ook, heeft volgens mij nooit de bedoeling om scholieren te prikkelen......

De vrije naaktheid van het binnenland
De preutse en toch ook wel hypocriete klagende politici in het parlement waren van mening, dat seksuele voorlichting wel moet en nodig is, maar niet op de manier zoals dat in het boek wordt voorgeschoteld aan leerlingen van het eerste jaar van de MULO. Die Assembleeleden hadden, vòòrdat het boek besproken werd in de Assemblee, zich niet laten informeren over de herkomst van het boek en spraken dan ook veel te voorbarig.

Hypocriet, omdat iedereen in deze tijd toch wel het besef heeft, dat de jeugd van vandaag allerlei wegen heeft om zichzelf op de hoogte te stellen van seksuele handelingen en hoe het nu feitelijk zit met de bijtjes en de bloemetjes. Tegenwoordig kan alles in geuren en kleuren op het internet worden gevonden en kinderen vinden dat ook. Het internet staat welhaast bol van porno, de geilheid druipt bijna uit alle hoeken van het beeldscherm. Daarnaast wordt er ook het nodige op de Surinaamse televisie vertoond. Daarenboven is de preutse houding van politici die woonachtig zijn in het binnenland opmerkelijk te noemen, gelet op het aantal jonge meisjes dat bijvoorbeeld in het district Brokopondo zwanger raakt. Jeugd wordt ook daar geconfronteerd met de letterlijke naaktheid van het leven. Bewoners baden zich in de kreken en rivieren en vrouwen lopen soms met ontbloot bovenlijf rond. Ook dat is cultuur en die cultuur wordt door de kids opgesnoven. Zij zijn niet blind. Een biologie lesboek waarin seksuele handelingen als pijpen en beffen met naam en toenaam worden beschreven is dan ook niet schokkend of stuitend voor ze.....voor velen zullen die woorden en benamingen in zekere zin gesneden koek zijn.

De voorzitter van de Assemblee, Jennifer Geerlings-Simons, zei het gewraakte boek te hebben ingezien en kwam als een soort moeder overste tot de slotsom dat er zeker geen ‘pornografie’ in te vinden is. Zij leek daarmee een van de weinigen in het parlement met enige moderne realiteitszin en besef van de betekenis van het woord ‘pornografie’ en de essentie en bedoeling van seksuele voorlichting.

Een dag nadat serieuze politici in het parlement zich smaakvol tegoed deden aan ‘pornografie’, kwamen ook wat reacties uit het onderwijsveld los. MULO-directeuren kwamen zelfs bij elkaar om over het spannende biologie lesboek te spreken. Volgens één van die directeuren, Errol Yzer van MULO Ritfeld, is de stof in het boek ‘te rauw voor zulke jonge kinderen’: in het eerste MULO leerjaar zitten leerlingen van 12 en 13 jaar.

Foutje: verkeerd bezorgd
Weer een dag later, zaterdag 11 mei, verschijnt plotseling de minister van Onderwijs en Volksontwikkeling (MinOV), Shirley Sitaldin, met de mededeling, dat het lesboek abusievelijk in de eerste klas van de MULO Commewijne terecht was gekomen. De minister zei, dat het districtsraadslid Marlon Budeke, één van de bezorgde ouders van leerlingen die geconfronteerd werden met de vermeende ‘pornografie’, haar al op 10 april in een brief over het boek had benaderd. Die brief had hij in afschrift naar De Nationale Assemblee gestuurd.

‘Er staan woorden in als glijmiddel aan de penis via de anus, pijpen en beffen. Dit kan je niet doceren aan leerlingen die net de zesde klas hebben verlaten, ook al is het seksuele voorlichting. Het leerboek biologie is geïmporteerd uit Nederland. In de Nederlandse cultuur zijn deze woorden misschien gangbaar in de omgangstaal, maar niet in Suriname’, zo liet Budeke de minister weten.

Voordat hij die brief verzond, had hij alle Assembleeleden die in het district Commewijne wonen, op de inhoud van het biologieboek geattendeerd, maar niemand reageerde.....

Budeke: ‘In het boek staat duidelijk vermeld dat het bestemd is voor scholieren van HAVO en VWO. Niet alleen het biologieboek, ook lesmateriaal voor VOS van andere vakken is verkeerd terechtgekomen, in de eerste klas van de MULO Commewijne.’ (VOS zijn alle VWO- scholen, IMEAO en HAVO)

Minister Sitaldin schreef Budeke op 20 april, dat het biologieboek terug zou worden gehaald. Maar, dat bleek 10 mei nog niet te zijn gebeurd.

Met die reactie van de minister leek de zaak te zijn afgerond. De geschrokken politici konden weer overgaan tot de orde van de dag, wetende dat het in feite allemaal om een foutje ging en het lesboek nooit bij de eerste klas MULO-leerlingen in Commewijne terecht had mogen komen. De ophef bleek feitelijk een storm in een glas water te zijn geweest. Ouders ook gerustgesteld en hun kroost zit thuis weer voor de computer of de laptop of op de BlackBerry stiekem naar pornovideo’s of -plaatjes te kijken. Wat is er nu leuker om op die wijze seksueel te worden voorgelicht....... De kids van tegenwoordig zijn op velerlei gebied wijzer en beter onderricht dan mening leerkracht, ouder of Assembleelid.

Maar, de storm laaide een aantal dagen later toch weer onverwacht op. Terwijl de Cotticarivier in het oosten van het land, bij Moengo, buiten haar oevers trad en een aantal langs de rivier gelegen dorpen onder water stroomden – met als gevolg dat ruim tweehonderd bewoners werden geëvacueerd naar vooral het Ronnie Brunswijk Stadion in Moengo – gooide de voormalig voorzitter van de ontbonden zogenoemde Task Force van het ministerie van Onderwijs en Volksontwikkeling, Eddy Jozefzoon, olie op het vuur.

De grote boze wolf Jozefzoon huilt er op los
De man liet 17 mei via diverse media weten, dat hij in het parlement ten onrechte als grote boosdoener was bestempeld, omdat hij de persoon was die verkeerde lesboeken zou hebben aangeschaft. Ook zou hij, zo beweerde hij, beschuldigd zijn een deel van de 8.2 miljoen euro die het project van aanschaf van nieuwe lesboeken voor het onderwijs had gekost, in eigen zak te hebben gestoken.
Tegenover het journaille wilde hij zowel zijn ergernis als zijn ei kwijt en zei onder andere, dat na het aantreden van Sitaldin op het ministerie het project niet meer werd uitgevoerd zoals oorspronkelijk was gepland. Volgens hem zijn voor het aanschaffen van de nieuwe boeken meerdere keren vergaderingen gehouden met vakleerkrachten van de MULO en het middelbaar onderwijs. Zij mochten meebeslissen over welke lesboeken aangeschaft moesten worden. Volgens de gebelgde Jozefzoon werden met iedere uitgever vier contracten getekend; voor de levering, adaptatie, implementatie en het arrangement van de boeken. De boeken werden in oktober 2012 geleverd en die moesten natuurlijk vervolgens worden gedistribueerd. De vakgroepen op de scholen hadden daarna drie maanden de tijd om de boeken te bekijken en aan te geven wat aangepast moest worden.
Jozefzoon: ‘Dit proces noemen wij de versurinamisering of adaptatie. In december 2012 zouden deze veranderingen aan de uitgevers worden doorgegeven en die zouden dan ervoor zorgen dat op 1 maart 2013 de versurinamiseerde boeken zouden worden overhandigd. De boeken die grotendeels ook verkeerd zijn gedistribueerd, zijn dus de ongewijzigde exemplaren en, omdat MinOV het traject van adaptatie niet heeft gevolgd en alles heeft stopgezet, zijn de veranderingen nooit doorgevoerd en is alles blijven staan.’

‘Ik praat erover, omdat het mij mateloos irriteert dat er nu gezegd wordt dat er verkeerde boeken zijn aangeschaft’, aldus Jozefzoon. Verder ontkende hij, dat de boeken via zijn zoon in Nederland zouden zijn gekocht, waardoor hij zich financieel zou hebben bevoordeeld.

De boeken zijn volgens Jozefzoon niet verkeerd, maar het ministerie heeft de boeken niet aan het daarvoor bestemde onderwijstype verstrekt. ‘Het biologieboek BvJ deel B is bestemd voor de HAVO en het VWO en niet voor de MULO dat deel A moet hebben. Dit staat trouwens ook op de boeken aangegeven, dus men moet beter lezen. Zo heeft ook een IMEAO-school wiskundeboeken gehad die voor HAVO/VWO bestemd zijn. Als MinOV zijn werk goed had gedaan was dit niet gebeurd, dus de schuld ligt niet bij Jozefzoon.

Jozefzoon was zijn ergernis en zijn ei kwijt. Dat lucht op, moet hij gedacht hebben.
Maar, het was en is mij volstrekt onduidelijk waarom hij via Starnieuws is gaan jammeren, terwijl de essentie van de ‘kwestie – het abusievelijk bij eerste klas leerlingen van de MULO in het district Commewijne terechtkomen van een Nederlands HAVO/VWO biologie lesboek, waarin in begrijpelijk Nederlands wordt uitgelegd hoe ‘Jantje de honing haalt’, zonder ook maar enige vorm van pornografie – al was opgehelderd, verklaard en opgelost.

‘Jozefzoon moet zijn mond houden’
Natuurlijk volgde op dezelfde dag dat Jozefzoon de publiciteit zocht om min of meer zijn beschadigde reputatie wat bij te schaven, een niet mis te verstane reactie van minister Shirley Sitaldin, eveneens op Starnieuws, welke nieuwswebsite zich soms verlaagt tot een vorm van riooljournalistiek en er niet voor terugdeinst zich te lenen en te laten gebruiken voor zogenoemde vuilsmijterij over en weer van volwassen mensen zonder meteen, direct, hoor en wederhoor toe te passen.
Het door Jozefzoon aangeschoten wild (lees: minister Shirley Sitaldin) voelde na het lezen van de opmerkingen van de voormalig Task Force voorzitter een onstuitbare drang om terug te vuren, hard en ongenadig, zoals men dat alleen in Suriname doet. Alle fatsoensnormen, zo die er al waren, werden ter zijde geschoven, zelfs door een minister, en het schelden en beschuldigen van elkaar via de media ging vrolijk verder.

Sitaldin vindt de wijze waarop Jozefzoon met vuil smijt en valse beschuldigingen uit aan haar adres over de aanschaf van lesboeken ‘zeer schandalig’.
‘Niet ik heb een project gemaakt voor het MinOV, niet ik ben voor elk leervak van de MULO meer dan zeven en een half duizend boeken gaan kopen. Ik ken geen enkel project van adaptatie en opnieuw assembleren van boeken, waarvan je weet dat je eerst moet aanpassen aan Suriname.’
Ze vindt de toegepaste werkwijze bij de inkoop van lesboeken in Nederland niet correct.
‘Dus je koopt de boeken voor 8.2 miljoen euro, om dan weer met de uitgever het boek te gaan uitgeven in een aangepaste vorm. Als je aanpast, bestel je eerst een kleine hoeveelheid, maak dan je huiswerk met de vakdocenten en het veld, pas het materiaal aan en dan ga je de nodige aantallen aanschaffen of laten drukken. We hebben niet alleen het probleem met het biologieboek, maar met tal van boeken die door Jozefzoon in alle haast zijn gekocht en niet geschikt zijn voor het Surinaamse onderwijs’, onthult Sitaldin, die hiermee een onthutsend kijkje geeft in de slechte communicatie tussen haar en haar voormalig Task Force ‘inkoop officier’ Jozefzoon.

Op 3 mei heeft de minister vergaderd met de uitgever en de biologieleerkrachten over het bewuste boek. ‘Ik heb geïnformeerd en uitdrukkelijk navraag gedaan over de inhoud en ook of er klachten zijn. Er bleken geen klachten te zijn, behalve het geval van een ouder in Commewijne, naar aanleiding waarvan deze kwestie in het parlement is besproken. Ook met mevrouw Meye van het MULO-directeurenberaad heb ik overleg gepleegd. Wat er is gevraagd is training hoe om te gaan met de leerstof.’ Volgens de minister is alleen Jozefzoon verantwoordelijk geweest voor het aanschaffen van de boeken. Van de Nederlandse uitgeverij Malmberg in 's-Hertogenbosch zou Sitaldin hebben vernomen, dat de keus voor het biologieboekje door Jozefzoon zelf is gemaakt en niemand anders.
De bewindsvrouwe beweerde verder tegenover de rioolnieuwswebsite Starnieuws op 17 mei, dat er twaalf containers met lesboeken waren gekomen, dat er geen opslagruimte was, dat er dubbele bestellingen waren van Engelse lesboeken en dat er boeken waren die niet eens gebruikt konden worden. ‘Ik vind dat meneer Jozefzoon zijn grote mond dicht moet houden’, zegt Sitaldin. De man zou volgens haar ook nog eens duizenden natuurkundeboeken hebben ingekocht die niet gebruikt kunnen worden. Leerkrachten kunnen er niet mee werken, omdat ze niet geschikt zijn. Sitaldin: ‘Meneer Jozefzoon wist dat de natuurkundecommissie bezig was, maar heeft de commissie toch gedwongen om de boeken aan te schaffen. Nu zit ik ermee opgescheept. Wat moet ik met de boeken? Ik houd er niet van deze vuile was buiten hangen, maar nu word ik er boos over.’

We zijn niet dom
De vuile was hangt nu buiten aan een dun waslijntje te drogen en te wachten tot iemand de was van de lijn haalt. De MULO-leerlingen in Commewijne zullen er geen minuut minder door slapen. Die zullen waarschijnlijk helemaal niets van de gemaakte commotie over het verkeerd bezorgde biologieboek begrijpen. ‘We weten heus wel hoe we op de aarde zijn gekomen. En beffen en pijpen en zo, dat doen papa en mama toch ook? We zijn niet dom hoor of achterlijk. Er is toch internet en u wilt niet weten wat we daar allemaal op kunnen vinden en hebben gevonden. Oh ja, kijk maar niet in onze BlackBerry.’
De storm is geluwd. Het regenen is begonnen.....

Noot:
Het Dagblad Suriname bericht woensdag 29 mei'Schooldirecteuren, leerkrachten, docenten, pedagogen en functionarissen van het ministerie van Onderwijs en Volksontwikkeling, schoolbesturen van het bijzonder onderwijs en een psycholoog hebben gisteren breed gediscussieerd over het boek “Biologie voor jou”. (...)'. Uit de discussie werd duidelijk dat in het onderwijsveld feitelijk niemand moeite heeft met de wijze waarop in het lesboek, met name, de voortplanting wordt beschreven. Ook tijdens de discussie werd gewezen op tienerzwangerschappen, internet en mobiele telefonie, zoals ik in mijn artikel ook doe. Kortom, de jeugd schrikt niet van de inhoud van het lesboek en de daarin afgebeelde illustraties.

donderdag 16 mei 2013

Regenval legt jarenlange ontwateringsproblemen weer pijnlijk bloot

(Bron foto: Irvin Ngariman/de Ware Tijd)
Falend overheidsbeleid zorgt weer voor natte voeten burgers

Maar, wateroverlast door zware regenbuien ook deels schuld bewoners zelf

16-05-2013 Door: Paul Kraaijer


Paramaribo – Deze dagen wordt Suriname getroffen door fikse en langdurige regenbuien. De regenval zorgt weer, zoals ieder jaar in deze tijd van het jaar, de grote regentijd die duurt tot midden augustus, voor ondergelopen straten, percelen, trenzen en woningen en voor klagende en jammerende burgers en een overheid die her en der goed bedoelde ad hoc lapmaatregelen treft om de ergste overlast zo goed als mogelijk tegen te gaan en de onvrede en woede onder de getroffen burgers wat te sussen.

De meteoroloog en de Inter Tropische Convergentie Zone
Media sleuren er de ene na de andere meteoroloog aan de haren bij om een soort publieke verantwoording voor de vele regenbuien af te leggen. Ik wist niet dat er zo veel meteorologen in Suriname werkzaam zijn.
De een na de ander komt met tekst en uitleg, verklaringen en het komt allemaal op hetzelfde neer: we zitten nu eenmaal in de grote regentijd en dan zijn regenbuien normaal en helaas, de zogenoemde Inter Tropische Convergentie Zone (ITCZ) is erg actief.
Volgens het Nederlandse Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut, KNMI, is de ITCZ ‘een ontmoetingsgebied van lucht uit het zuidelijk en het noordelijk halfrond dat gekenmerkt wordt door bewolking en soms zware regen. In deze zone met tropische lagedrukgebieden komen de noordoost- en zuidoostpassaat samen. De ITCZ bevindt zich rond de evenaar en verplaatst zich noord en zuidwaarts naar gelang de stand van de zon. Het KNMI beschikt in Paramaribo over een ozonmeetstation waar de ITCZ twee keer per jaar passeert’.

Maar, wat hebben de ‘ondergelopen’ burger, school, bedrijf en winkel aan deze weerkundige informatie? De burger zit iedere dag in zijn woning maar weer in angst en te hopen dat het vele water op zijn erf niet de woning binnen komt stromen. In sommige gebieden van de stad, Paramaribo, staat het water zo hoog, dat de straat en de goot niet meer van elkaar te onderscheiden zijn. Veel scholieren kunnen met goed fatsoen niet met droge voetjes hun school bereiken en als ze die uiteindelijk bereikt hebben, blijkt die blank te staan en kunnen ze weer huiswaarts keren.
Het Dagblad Suriname verwoordde het gisteren als volgt:

‘(...) Erbarmelijke situaties waar het erf en een deel van de woning onder water staan, komen in ons land nog al te vaak voor. Alles wat te maken heeft met hygiëne en gezonde leefregels wordt overboord gegooid. Elke gedupeerde burger weet te vertellen dat het slecht gevoerde overheidsbeleid debet is aan deze wanhopige situatie. Juist wanneer het regent, komt men tot de ontdekking dat de pompgemalen het niet doen en defect zijn. (...)’

Veel ellende voorkomen door eigen trens schoon te houden
Maar, wat de krant bewust of onbewust niet vermeldt is, dat ook veel burgers zelf debet zijn aan ‘deze wanhopige situatie’. Immers, burgers kunnen ook zelf eens de handen uit de mouwen steken en hun trenzen, zoals dat wordt genoemd, opschonen. Maar neen, de burgers wijzen meteen weer met het beschuldigende vingertje naar de overheid en in dit geval vooral naar het ministerie van Openbare Werken die verantwoordelijk wordt gehouden voor het niet opschonen van trenzen.
De burger weet dat er jaarlijks een grote regentijd is, de burger weet dat in die periode veel regen valt en dat hij het risico gaat lopen natte voeten te krijgen als hij niet op tijd eens zelf ervoor zorgt dat zijn trens wordt schoongemaakt, zodat het water gewoon kan doorstromen en niet het perceel op stroomt.

Rioleringsstelsel door achterstallig onderhoud volledig verstopt
Naast de niet onderhouden trenzen, is ook het complete rioleringsstelsel in de stad toe aan vervanging of een grondige schoonmaakbeurt. Verstoppingen in dat stelsel voorkomen dat overtollig regenwater kan wegtrekken. Tot die niet zo verrassende constatering kwam 13 mei plotseling het hoofd van de afdeling Sluizen en Gemalen van het ministerie van Openbare Werken. De man zei zelfs in de Ware Tijd dat de regentijd ‘de meest geschikte periode is om na te gaan waar verstoppingen zijn om die vervolgens op te heffen.’......
Maar, die verstoppingen zijn er ieder jaar en nooit wordt er naar een structurele oplossing gezocht. Verstoppingen worden verholpen, vuil en dergelijke dat mede voor de verstoppingen heeft gezorgd, wordt verwijderd, maar binnen de kortste keren raakt alles weer verstopt. Burgers blijven nu eenmaal van alles en nog wat aan troep in trenzen en riolen dumpen. Ze creëren zelf hun eigen ondergelopen percelen en woningen. Hoe naïef kun je zijn......

Blaas pompgemaal in Paramaribo Noord op
Maar, bondsvoorzitter Michael Sallons van de Bond Personeel Sluizen en Gemalen, kwam wel met de meest onthutsende opmerking. Volgens hem is een van de belangrijkste pompgemalen van Paramaribo, die op de hoek van de Anton Dragtenweg en de David Simonstraat in het noorden van de stad, zeker anderhalve meter te hoog gebouwd. De man zei zelfs, dat die pomp pas met werken begint als alles al onder water staat. Zonder de pomp zou het water nota bene zelfs sneller zijn weggestroomd. Hij ziet graag dat de pomp wordt ‘opgeblazen’ en dat er een nieuwe wordt gebouwd die dieper ligt.

Zonder toekomst gericht gestructureerd beleid verandert er niets: ook in 2014 weer natte voeten
Helaas, keren dit soort opmerkingen en dergelijke iedere jaar in deze tijd terug. Er verandert hoegenaamd echter niets tot weinig. Wat er gebeurt, gebeurt ad hoc, zonder gestructureerd op de toekomst gericht beleid en daardoor zitten de burgers in 2014 ongetwijfeld weer niet met droge voeten in hun woning, zullen wegen blank staan, kunnen scholen, winkels, et cetera nauwelijks bereikt worden en komen meteorologen en medewerkers van Sluizen en Gemalen van het ministerie van Openbare Werken weer met hun jaarlijks terugkerende opmerkingen en kritieken.

Eigen foto: Paul Kraaijer
‘Preventief’ komt niet in overheidswoordenboek voor
Sommige overheidsdienaren maken juist gebruik van de regenval om zelf in een goed blaadje te komen staan. Neem nu de districtscommissaris van het district Wanica, Rawien Jiawan. Diverse wegen, percelen en landbouwgronden in zijn district waren ondergelopen. Hij nam contact op met het ministerie van Landbouw, Veeteelt en Visserij en Openbare Werken en meteen werden in het weekeinde van 11 en 12 mei lozingen opgehaald. Ook zou hier en daar het rioleringsstelsel worden opgeschoond en uitgediept. Jiawan kwam hierdoor positief, als een soort ‘held’, in het nieuws, maar ook hier was geen sprake van een structurele oplossing. Het was weer een ah hoc ingrijpen.

Ik begrijp niet waarom de overheid, die weet dat er jaarlijks een grote regentijd komt, niet preventief actie onderneemt en lozingen, riolen, trenzen, enzovoorts op tijd gaat opschonen om wateroverlast voor burgers te voorkomen..... Hier wordt een afwachtende politiek gevoerd en een afwachtend beleid.
Enig op de toekomst gericht beleid ontbreekt volledig en daarvan wordt de gewone burger de dupe. Het woord ‘preventief’ blijkt niet voor te komen in het overheidswoordenboek.

Tegenover de Ware Tijd van 14 mei laat de directeur van de Albergaschool in Paramaribo weten meerdere keren het ministerie van Openbare Werken te hebben benaderd om in te grijpen: ieder jaar staat de school na een stevige regenbui blank. De verouderde duikers rondom de school moeten vervangen worden. Een medewerker van het ministerie heeft de Agnesschool eerder dit jaar bezocht om de waterproblematiek te onderzoeken. Die heeft echter tot op de dag van vandaag nooit meer iets van zich laten horen of zien. ‘Ik heb hem nooit meer gezien’, aldus de directeur. Zo gaat het ministerie dus om met wateroverlastproblemen. Ad hoc: even kijken en vervolgens geen concrete actie ondernemen. Ik durf te stellen dat dit voorbeeld van de Albergaschool één uit velen is.

Open deur
Een meteoroloog komt met een open deur in hetzelfde artikel: ‘Zowel de samenleving als de regering moet goed voorbereid zijn, bijvoorbeeld door trenzen en andere lozingen schoon te houden.’

Het is waarschijnlijk weer aan dovemansoren gericht.

dinsdag 14 mei 2013

Het kwakkelende Surinaamse toerismebeleid en gegoochel met statistieken

Slecht functionerende leiding Stichting Toerisme Suriname (STS)

STS wil verdubbeling van haar budget

Goochelen met toerismecijfers om toerisme impuls te geven: meer toeristen in statistieken dan werkelijk Suriname bezoeken

14-05-2013 Door: Paul Kraaijer


Paramaribo – Suriname wil graag een interessante toeristische bestemming zijn, maar het wil nog niet zo vlotten met de toestroom van toeristen. Er zit echter wel een groei in het aantal bezoekende toeristen: in 2011 bezochten 220.475 toeristen het land en vorig jaar was dat aantal gestegen naar 240.000. Toch voert de overheid een ad hoc beleid, is er een aanzienlijke achterstand in de betaling van contributie aan de Caribbean Tourism Organization, wordt zelfs een ‘schoon’ milieu betrokken bij het lokken van toeristen, is er een Stichting Toerisme Suriname (STS) waarbinnen het al enige tijd rommelt tussen de directie en het personeel en wil de STS verdubbeling van het budget om beleid te kunnen ontwikkelen. En, hoe betrouwbaar zijn de cijfers, de statistieken?

De STS tracht op allerlei manieren Suriname als toeristische bestemming in het internationale aandachtsveld te plaatsen. Het laatste initiatief is, dat de stichting bekijkt welke mogelijkheden het internet heeft om aan e-marketing te doen. In de regeringsbegroting van 2013 maakt het ministerie van Transport, Communicatie en Toerisme (TCT) melding van de e-marketingstrategie. Naast de gebruikelijke marketing-instrumenten, zoals brochures en bezoeken van beurzen, zullen ook de moderne ICT-middelen gebruikt worden voor het aantrekken van toeristen.
Maar, het is de zoveelste poging, het zoveelste initiatief. Een effectief op de toekomst gericht beleid lijkt er niet te zijn, dat is de afgelopen jaren wel duidelijk geworden.

Ik wil meer geld!
Fardiy Lila van de STS liet vandaag, dinsdag 14 mei, via de Ware Tijd weten dat er meer geld nodig is om het vermeende toerismebeleid vorm te kunnen geven. Ze wil minstens het dubbele van het huidige budget van drie miljoen Surinaamse dollar. Volgens Lila kan met extra geld ‘Suriname als toerismedestinatie beter naar buiten’ komen. Maar, dan moeten, althans dan beweert ze, wel de speerpunten cultuur, erfgoed, evenementen en natuur ‘met voldoende regelgeving en standaarden gestructureerd worden’.
Wat een onzin. Hoe kun je natuur beter ‘structureren’ ten gunste van toerismebeleid?
Minister Falisi Pinas van het ministerie van Transport, Communicatie en Transport (TCT) zegt echter dat er geen geld is.

Ontwikkelingen en initiatieven op het beleidsterrein toerisme volgen elkaar snel op, maar van enig gedegen beleid blijkt de afgelopen jaren geen sprake te zijn geweest. En de opmerkingen vandaag van Lila in de Ware Tijd versterken het gevoel dat het toerismebeleid rammelt.

Gezamenlijk toerismebeleid met Guyana
Begin januari 2011 sprak minister Falisie Pinas van TCT, tijdens zijn bezoek aan de grootste vakantiebeurs in Nederland (Utrecht), met zijn Guyanese collega Manniram Prashad, over het gezamenlijk ontwikkelen van ‘modellen’ om samen toerisme te bevorderen. Dat gesprek was overigens van tevoren, in Suriname, voorbereid door de Stichting Toerisme Suriname. ‘Wij hoeven het wiel niet opnieuw uit te vinden en kunnen leren van Guyana door gegevens uit te wisselen’, zei Pinas 13 januari op de Surinaamse nieuwswebsite Starnieuws. Hij zou een en ander gaan bespreken met zijn collega Winston Lackin van het ministerie van Buitenlandse Zaken. Eén van de meest belangrijke aandachtspunten was het afschaffen van visa. Hiertoe zou een studie van zo’n vier tot vijf maanden worden uitgevoerd.

Medio juli 2011 sprak Pinas in Paramaribo met vertegenwoordigers van de Franse ambassade en de Kamer van Handel en Industrie. Versoepeling van de visumplicht was ook daar onderwerp van gesprek.

Anno mei 2013 is het echter niet bekend wat verdere ontwikkelingen zijn geweest met betrekking tot het versoepelen van de visumplicht met de buurlanden Guyana en Frans-Guyana.

Senegal
Ontwikkelingen in Suriname op het terrein van toerisme wringt zich soms in vreemde en onverwachte bochten. Neem nu Senegal.
Begin maart 2011 bracht de ambassadeur van dit West-Afrikaanse land, Nafissatou Diagne, een kennismakingsbezoek aan minister Pinas. De Senegalese is gevestigd op Jamaica en wil de relatie met Suriname voor haar land ontwikkelen. Toerisme is voor Senegal een belangrijke bron van inkomsten geworden. Na het gesprek, liet minister Pinas weten dat Suriname graag ervaringen wil uitwisselen met Senegal over het aantrekken van toeristen uit Europa en Amerika. De ambassadeur beloofde contact te gaan leggen tussen Pinas en de minister van Toerisme in Senegal, sinds april vorig jaar is dat de populaire zanger Youssou N’dour. Of er ooit nader contact is geweest tussen beide ministers? Zowel Pinas als Yousso N'dour reageerden niet op vragen hierover. Ik ga er maar vanuit dat het gebleven is bij de opmerkingen destijds, in maart 2011, van de Senegalese ambassadeur en minister Pinas.
Dat gebeurt overigens vaak in Suriname: er worden zaken geroepen, afgesproken, toegezegd, en na verloop van tijd verdwijnen de gedane toezeggingen en afspraken onder in een la en worden er niet meer uitgehaald.

UPDATE: Tot mijn verrassing ontving ik op vrijdag 17 mei alsnog onderstaande reactie van het ministerie van Toerisme van Toerisme:

'We have received your mail of monday, 13 may 2013. I am sorry to tell you that we have no information about the visit of our ambassador Nafissatou DIAGNE in Suriname. I am Ms. Fatou Thiam MBAYE, the Technical Advisor of Senegal Ministry of Tourism, in charge of International Cooperation and I can tell you that unfortunately there is no contact about Tourism sector between Suriname and Senegal.
I can tell you that this can be a good opportunity to build some relationship between the two countries.
Is it possible to arrange a visite in Suriname for our Minister and two experts of our Departement?

Best regards.

Ms Fatou Thiam MBAYE'

Het ministerie verzoekt mij dus nu om, zeg maar, te bemiddelen om een bezoek van de Senegalese minister en twee van zijn experts van het ministerie aan Suriname te regelen. De mail heb ik vandaag doorgestuurd naar het Surinaamse ministerie van Transport, Communicatie en Toerisme en ter kennisname naar de lokale media.

Suriname met stand op Vakantiebeurs Utrecht
De Stichting Toerisme Suriname presenteerde begin januari 2012 met enige trots cijfers over het aantal toeristen dat jaarlijks Suriname bezoekt. Volgens de STS was het aantal in vergelijking met 2006 met 33 procent gestegen. De meeste ‘bezoekers’ kwamen uit Nederland en buurlanden Guyana en Frans-Guyana. Gesproken werd over ‘bezoekers’ en niet over toeristen....
De stichting liet verder weten de focus te gaan leggen op de Nederlandse- en Franse markten en nieuwe ‘markten’ in Duitsland en Engeland.
Het bericht kwam enkele dagen voor de start van de grote vakantiebeurs in het Nederlandse Utrecht, waar de STS ook aanwezig was. In dat verband zei toenmalig directeur Armand Li-A-Young 16 januari 2012 op Starnieuws dat zijn stichting ‘een goede investering nodig’ had. Volgens hem kon de stichting met een budget van jaarlijks drie miljoen Surinaamse dollar ‘kwalitatief onvoldoende uit de verf komen’. Maar, wat hij met een ‘goede investering’ wilde gaan doen liet hij feitelijk in het midden. Wel zag hij graag meer sfeer in de Suriname stand op de vakantiebeurs in Utrecht, zoals culturele optredens, livemuziek, wat snacks en drank uit de Surinaamse keuken. Hierdoor zouden mensen zich nog meer aangetrokken voelen tot het land en Suriname zou meer profijt hieruit kunnen halen, zo berichtte Starnieuws. Maar, daar heb je toch niet drie miljoen Surinaamse dollar voor nodig?

Waar blijft het Toerisme Masterplan 2030?

Minister Falisie Pinas.
Enkele dagen voor de uitlatingen van de STS-directeur had minister Pinas al laten weten negen miljoen SRD per jaar uit te willen trekken voor de stichting. Hij zei verder, dat de STS op den duur zelfstandig moet worden en zichzelf moet kunnen bedruipen.
Kennelijk was die mededeling van de minister voorbij gegaan aan Armand Li-A-Young. Pinas maakte ook bekend dat er gewerkt zou worden aan een ‘masterplan’ ‘om veel op het gebied van toerisme mogelijk te maken’. Dat plan zou strekken tot 2030 en in de tweede helft van 2012 zou dit plan aan het parlement gepresenteerd worden.
Op 14 november 2012 was er nog geen masterplan. Dit was die dag te lezen in een bericht op Starnieuws: ‘(...) Het ministerie van Transport, Communicatie en Toerisme is bezig met een voorbereiding van een twintigjarig masterplan voor deze sector. Het plan zal toeristische zones in kaart brengen. (...)’

De nieuwe voorzitter van het bestuur van de STS – aangesteld in maart 2012 - Faridy Lila, maakte op 2 november bekend, dat in opdracht van president Desi Bouterse een Toerisme Masterplan 2030 wordt opgesteld. Dat plan zou met medewerking van een Europese consultant worden opgesteld.

Kortom, veel gegoochel over een vermeend masterplan dat maar niet tot stand schijnt te willen komen.
Anno mei 2013 is in nog geen velden of wegen een masterplan boven water gekomen....

Lila maakte begin november 2012 bekend een lichte stijging van het aantal toeristen waar te nemen. Maar, nog niet voldoende. Vandaar dat de STS de marketingbedrijven Ultra Violet en USP inhuurde. USP zou marktonderzoek gaan verrichten in Europa en Ultra Violet in Amerika. Het in Amsterdam gevestigde USP Marketing PR was al aangesteld als het nieuwe PR en communicatiebureau voor de STS. 'USP zal haar expertise en jarenlange ervaring met Suriname inzetten om de schoonheid van het land onder het voetlicht te brengen bij Nederlandse en Belgische vakantiegangers.' Verder maakte Lila bekend, dat beleid inzake toerisme in de diverse districten verder zou worden ontwikkeld door ‘het analyseren van de toerismepotentie van de districten en die te benutten’.

Smet
Een smet op het ‘toerismebeleid’ is de contributieachterstand die Suriname bleek te hebben bij de Caribbean Tourism Organization (CTO). De organisatie heeft daarom Suriname in september 2011 als lid geroyeerd. Minister Pinas liet 14 januari 2013 weten geen idee te hebben hoe groot de betalingsachterstand was en wat inmiddels wel of niet zou zijn betaald. Duidelijk was wel dat de CTO nog duizenden Amerikaanse dollars moest ontvangen voor de periode van 2007 tot en met 2012. Op het moment van royement was de achterstand opgelopen tot 423.000 Amerikaanse dollar, aldus de Ware Tijd. Een paar weken later zei minister Pinas in De Nationale Assemblee dat de contributie aan Caribische Toerisme Organisatie zou worden betaald. Het royement moest volgens NDP-Assembleelid Melvin Bouva gezien worden als een schandelijk signaal aan de regio. ‘Maar het blijft een schande, we zijn voorzitter van de Caricom, iedereen in de regio praat erover wat voor een uniek toeristisch product we hier hebben. Eigenlijk geven we aan het helemaal niet serieus te nemen met het ontwikkelen van de sector in eigen land’, sprak Bouva.

Minister Pinas deelde op vragen vanuit het parlement mee dat de achterstand 636.000 Amerikaanse dollar was.

Gedonder op werkvloer STS
Alsof de contributieachterstand bij de Caribische Toerisme Organisatie nog niet genoeg smet was op het blazoen van het Surinaamse toerismebeleid, werd in de laatste week van januari ook nog eens duidelijk dat er sprake was van gedonder binnen de Stichting Toerisme Suriname. Er heerste ontevredenheid onder de toerismesector in het land en zelfs onder het personeel van de stichting over de eigen leiding. Ingewijden in de toerismebranche stelden in het Dagblad Suriname van 24 januari van dit jaar, dat Lila - waarnemend-directeur – een lichtgewicht is op toerismegebied. ‘Politiek heeft haar op deze posten gezet. En nu bekleedt ze niet één, maar drie functies waarvan ze geen kaas heeft gegeten. Ze heeft ook geen ervaring met leiding geven’, aldus ‘een bron’ in de krant. Faridy Lila is namelijk ook voorzitter van het stichtingsbestuur en onderdirecteur Toerisme op het ministerie van Transport, Communicatie en Toerisme (TCT).
Maar wat de toerismebranche het meest hinderde, was dat het bestuur ervoor koos om naar de Vakantiebeurs in Nederland te gaan, terwijl het personeel niet eens op tijd uitbetaald kon worden.
‘De STS heeft momenteel te kampen met financiële problemen. Men is al drie dagen laat met het uitbetalen van het personeel en deze week zal dat ook niet meer het geval zijn. In plaats om dit probleem op te lossen, vertoeven momenteel twee bestuursleden op kosten van de STS in Nederland voor de beurs. Wat doen mensen van het stichtingsbestuur op de beurs? Zijn de leiding van STS en het personeel niet verantwoordelijk voor de uitvoering’, vroeg de bron zich af in het Dagblad Suriname.

Vertekend beeld toeristencijfers
Maar, alsof er niets aan de hand was kwam op 1 februari 2013 de STS met het bericht enthousiast te zijn over de toename van het aantal Belgische toeristen in de periode januari tot en met september 2012: het ging om 1.500 Belgische toeristen die 15 tot 21 dagen in Suriname verbleven en dagelijks ruim 125 euro per persoon uitgaven.

Op dat moment werd echter duidelijk, dat de Stichting Toerisme Suriname onder toeristen ook blijkt te verstaan studenten, stagiaires en zakenlieden. Als dat het geval is en de STS werkelijk in haar toeristencijfers ook meeneemt studenten, stagiaires en zakenlieden dan krijgen die cijfers een totaal verkeerd beeld. Aan de hand van die vertroebelde cijfers maken bedrijven in de toerismesector beleid, stemmen wellicht hun inkoopbeleid erop af, maar ook het ministerie van TCT gebruikt die cijfers. Het aantal jaarlijks Suriname bezoekende toeristen is dus waarschijnlijk aanzienlijk lager kunnen liggen dan de door de STS ieder jaar gepresenteerde cijfers.

Schoon milieu moet toeristen trekken
Dat het milieubeleid min of meer als los zand aan elkaar hangt bleek medio februari van dit jaar. Plotseling stort de STS zich op een schoon milieu. ‘Alleen dan blijft het land aantrekkelijk voor toeristen’, stelde de stichting op 21 februari in een artikel in de Ware Tijd. De STS stelde vuilnistonnen beschikbaar voor scholen. ‘Er zijn scholen meegenomen die niks te maken hebben met toerisme’, zei James Akewaje, hoofd van de afdeling Educatie en Informatie en Productontwikkeling en Kwaliteitsbewaking van STS. ‘Alle scholen moeten helpen de jeugd op een dusdanige manier op te voeden dat ze het toeristisch inzicht dat wij indertijd hebben gemist wel meekrijgt.

Een schoon milieu en toeristen lokken..... Is dat toerismebeleid? Zou de STS zich dan ook niet sterk moeten maken voor het opknappen van de krakkemikkige trottoirs in Paramaribo, voor renovatie van vele in slechte staat van onderhoud verkerende panden in het stadscentrum, voor het herstel van de vele gaten en kuilen in het wegennet, voor een meer sociaal gedrag van veel weggebruikers, enzovoorts, enzovoorts.

Pinas en Lila zwijgen en wie zwijgt......
Zowel de Stichting Toerisme Suriname als minister Falisie Pinas van het ministerie van Transport, Communicatie en Toerisme, waren niet bereikbaar, anders gezegd waren niet bereid, om onderstaande vragen te beantwoorden. Kennelijk zitten zij niet te wachten op dergelijke vragen. Maar, niet reageren is ook reageren:

1) Hoe is het gesteld met versoepeling van de visumplicht voor bezoekers uit Guyana en Frans-Guyana? (Begin januari 2011 sprak minister Pinas met zijn collega uit Frans-Guyana hierover en hiertoe zou een studie van vier tot vijf maanden worden uitgevoerd. In juli 2011 sprak de TCT-minister met vertegenwoordigers van de Franse ambassade en de Kamer van Koophandel en Fabrieken over onder andere versoepeling van de visumplicht voor bezoekers uit Frans-Guyana.)

2) Begin maart 2011 bracht de Senegalese ambassadeur, gevestigd op Jamaica, een kennismakingsbezoek aan minister Pinas. Besloten werd informatie met elkaar uit te wisselen over o.a. hoe toeristen aan te trekken uit Europa en Amerika. De ambassadeur van Senegal zou haar minister van Toerisme in contact brengen met Falisie Pinas. Is er ooit nader contact geweest tussen Suriname en Senegal inzake toerisme?
Geen reactie, is ook een reactie!

3) Waar blijft het in januari 2012 aangekondigde Toerisme Masterplan 2012 dat half 2012 al gereed had moeten zijn?

4) Is de contributieachterstand bij de Caribbean Tourism Organization inmiddels weggewerkt en is het royement van Suriname door de CTO opgeheven?

5) Wordt er niet een vertekend beeld verstrekt door in toerismecijfers ook studenten, stagiaires en zakenlieden mee te nemen, die feitelijk geen toeristen zijn? Dit bleek uit een bericht op 1 februari van dit jaar over een toename van het aantal Belgische toeristen. Aan de hand van de toeristencijfers bepalen ondernemers in de toerismesector hun (inkoop-)beleid en wellicht worden die cijfers ook gebruikt door het ministerie van TCT in haar toerismebeleid.

6) Sinds dit jaar houdt de STS zich ook bezig met een schoon milieu om toeristen aan te kunnen trekken. Is dat toerismebeleid? Zou de STS zich dan ook niet sterk moeten maken voor het opknappen van de krakkemikkige trottoirs in Paramaribo, voor renovatie van vele in slechte staat van onderhoud verkerende panden in het stadscentrum, voor het herstel van de vele gaten en kuilen in het wegennet, voor een meer sociaal gedrag van veel weggebruikers, enzovoorts?