vrijdag 29 maart 2013

Legstranden zeeschildpadden Suriname worden smaller

Wetenschappers: Lederschildpad in Stille (Pacifische) Oceaan over 20 jaar uitgestorven – Directe actie noodzakelijk

Nauwelijks tot geen informatie beschikbaar over actuele situatie lederschildpad op Surinaamse legstranden

29-03-2013 Door: Paul Kraaijer


Nieuw wetenschappelijk onderzoek toont aan dat de populatie lederschildpadden in het westelijke deel van de Stille Oceaan al sinds de jaren ’80 van de vorige eeuw aan het afnemen is. Als deze afname zich voortzet, dan is het onvermijdelijk dat deze zeeschildpaddensoort over 20 jaar waarschijnlijk geheel is uitgestorven, aldus Thane Wibbels, professor aan de Universiteit van Alabama, Amerika, en lid van het team dat het onderzoek verrichtte. Het gaat om de laatste overgebleven groep lederschildpadden in het westelijke deel van de Stille Oceaan.

De lederschildpad (Dermochelys coriacea) is een in zee levende schildpad die behoort tot de familie lederschildpadden (Dermochelyidae). Het is de enige in zee levende schildpad die niet tot de familie zeeschildpadden (Chelidae) behoort. Met een schildlengte tot 2,4 meter is de lederschildpad de grootste schildpad ter wereld. Het reusachtige dier heeft een vrijwel wereldwijde verspreiding en komt voor van de tropische zeeën rond de evenaar tot in de poolwateren.

De Pacifische lederschildpad, waar het in het onderzoek om gaat, leeft in de Stille Oceaan in twee verschillende populaties. De westelijke populatie zet de eieren af op stranden in Papoea, India en de Salomonseilanden. Het foerageergebied bevindt zich echter aan de andere kant van de Stille Oceaan langs de westkust van Noord-Amerika. In Australië is één nestplaats aan de oostkust bij de stad Brisbane, dit is een van de belangrijkste afzetplaatsen. De oostelijke populatie zoekt naar voedsel in zuidelijke wateren, langs de kust van Zuid-Amerika tot in Peru en Chili. De neststranden liggen in Midden-Amerika, van Mexico tot Costa Rica, waar ook de Atlantische populaties hun eieren begraven.

De uitkomsten van het onderzoek zijn dinsdag 26 februari 2013 gepubliceerd in het online wetenschappelijk magazine Ecosphere van de ‘Ecological Society of America’s’ en aan het onderzoek namen deel wetenschappers van de ‘State University of Papua’ (in Manokwari, province West Papua, Indonesië), de ‘National Oceanic and Atmospheric Administration’ (NOAA, Washington, VS), ‘National Marina Fisheries Service’ (Silverspring, Maryland, VS) en het ‘World Wildlife Fund Indonesia'.

‘Dit onderzoek is een ernstige waarschuwing, dat we niet genoeg doen om de lederschildpadden in het leefgebied te redden. De problemen waar zij mee te kampen hebben – klimaatverandering, plastic afval, vissers die meer vangen dan alleen vis – zijn problemen die ons ook bedreigen. We moeten nu in actie komen om te voorkomen dat deze bijzondere oude dieren voor altijd uitsterven’, zegt Catherine Kilduff van het ‘Center for Biological Diversty’ (Tucson, Arizona, VS).

Uit het onderzoek blijkt dat sinds 1984 het aantal nestelende zeeschildpadden met 5.9% is afgenomen per jaar in het grootste nestgebied in de gehele Pacific - Bird’s Head Peninsula, Papua Barat, Indonesië. Op Jamursba Medi Beach – een van de locaties op het Bird’s Head Peninsula waar 75% van het totale aantal nestelende lederschildpadden te vinden is in het westelijke deel van de Pacific – is het aantal nesten van een piek van 14.455 in 1984 teruggevallen naar een aantal van 1.532 in 2011. Nu zouden er jaarlijks slechts 500 lederschildpadden nestelen op het schiereiland Bird’s Head.

‘Dit nieuwe onderzoek bevestigt, dat we al het mogelijke moeten doen om de lederschildpadden zowel in onze wateren als in het buitenland te beschermen. Dat is echter in schril contrast met hetgeen op dit moment de ‘National Marine Fisheries Service’ doet, door uitbreiding voor te stellen van de dodelijke drijfnetten in het bedreigde leefgebied van de lederschildpad en in het ‘Pacific Lederschildpad Beschermd Gebied’ voor de kust van Californië en Oregon’, zegt Ben Entickman, campagnemanager ‘Pacific’ en senior wetenschapper bij Oceana, gevestigd in Washington, VS.

‘Lederschildpadden zijn in grote problemen en elk dier dat verdrinkt in een kieuwnet of door een grote vishaak is een belangrijk slachtoffer’, aldus Teri Shore, programma directeur bij het ‘Turtle Island Restoration Network’ in Californië. ‘Als we toestaan dat nog meer zeeschildpadden verstrikt raken in de netten van de zwaardvisvloot van Californië in beschermd leefgebied van deze dieren, dan zou dat een tragedie zijn voor deze kwetsbare zeeschildpadden.’

Beschermen legstranden alleen niet voldoende om lederschildpad voor uitsterven te behoeden
Volgens de wetenschappers is het beschermen van legstranden niet voldoende om de dieren voor uitsterven te behoeden. Zij dringen aan op aanvullende beschermende maatregelen in nationale en internationale wateren om de ondergang van de lederrug te voorkomen.

Bedreigingen voor de zeeschildpadden zijn vooral bijvangst in de visserij, het roven van eieren door varkens en honden, stranderosie, stijging van de temperatuur van het zand in nestgebieden en gevolgen van klimaatverandering.

SURINAME
Een paar dagen na de publicatie van het onderzoeksrapport, werd in Suriname bekend, dat de legstranden van zeeschildpadden voor de kust van het district Commewijne dreigen verloren te gaan. Ze worden bedreigd door de natuur, maar mogelijk vormen zandafgravers in de omgeving een nog grotere bedreiging, aldus berichtte 1 maart 2013 de Ware Tijd. Het NPS-Assembleelid Arthur Tjin A Tsoi had een dag eerder in het Surinaamse parlement, De Nationale Assemblee, aandacht van de regering hiervoor gevraagd.
De volksvertegenwoordiger voerde aan, dat de legstranden bij Commewijne op nog geen half uur varen verwijderd van Leonsberg, aan de oever van de Surinamerivier, onder druk staan. Door de stroming van de Atlantische Oceaan worden deze broedplaatsen met een snelheid van anderhalve kilometer per jaar verplaatst naar het westen. Volgens Tjin A Tsoi heeft een aantal ondernemers concessies gekregen van de overheid om in het gebied zand af te graven voor industriële doeleinden. Het gevaar bestaat dat hierdoor de legstranden kunnen worden vernietigd, waardoor de voor het ecotoerisme zo belangrijke zeeschildpadden zouden kunnen wegblijven. Natuurlijk zou toerisme geen argument moeten zijn, maar de bedreigde status van de schildpadden.
Tjin A Tsoi riep de regering in te grijpen binnen het kader van haar beleid omtrent bescherming van zeeschildpadden. De concessionarissen zouden andere gebieden toegewezen moeten worden.


Inzet WWF Guianas
Minister Ginmardo Kromosoeto van het ministerie van Ruimtelijke ordening, Grond-en Bosbeheer was 13 februari 2013 te Galibi in verband met het begin van het legseizoen van zeeschildpadden. De minister installeerde een aantal arbeiders die de veiligheid van de schildpadden moeten gaan garanderen. Zij gaan er onder andere op toezien, dat de eieren van de zeeschildpadden niet worden gestroopt.
De minister wordt vergezeld door vertegenwoordigers van het World Wildlife Fund Guianas (WWF Guianas) en de dienst ‘s Lands Bosbeheer (LBB). Het WWF heeft een groot schildpaddenbeschermingsproject en financiert LBB ook voor het werk op de legstranden. De Stichting Natuurbehoud Suriname (StiNaSu), die vele jaren eveneens betrokken is geweest bij de bescherming van zeeschildpadden op de Surinaamse stranden, lijkt buiten spel te zijn gezet, mogelijk ten gevolge van de ‘Brownsberg’-affaire waardoor het WWF Guianas de samenwerking met de organisatie heeft beëindigd.
StiNaSu heeft de afgelopen jaren ook samengewerkt met de organisatie Oceanic Society in Californië (VS). Oceanic Society nam deel aan onderzoek naar en monitoring van de lederschildpad, de groene zeeschildpad en de warana.

Eerste stropers begin maart al gearresteerd
Maar, het blijkt lastig om de nesten goed te kunnen beschermen. Het legseizoen was amper begonnen of de eerste stropers werden gearresteerd op zaterdag 2 maart aan boord van een boot op de Marowijnerivier. Een 37-jarige man en zijn 14-jarige zoon hadden 528 krapé eieren in hun bezit, afkomstig van het strand van Babun Santi in het natuurreservaat Galibi. Tijdens een gezamenlijke patrouille van de politie van Albina en jachtopzieners van 's Land Bosbeheer (LBB) konden de twee, waarvan de vader uit het dorp Langamankondre, worden opgepakt. Tegenover de politie verklaarden ze in totaal zestien zakken overboord te hebben gegooid. Slechts één zak kon worden gevonden. Als in alle zakken rond de 500 eieren zouden hebben gezeten, dan hadden de stropers in totaal rond de 8.000 eieren geroofd. Het zou overigens gaan om Orson 'Ory' Kajoeramari en zoon Dominique (Alain). Orson is de jongere broer van Ramses Kajoeramari, kapitein van Langamankondre en NDP-Assembleelid.

UPDATE 21 mei 2013: Orson is maandag 20 mei door de rechter veroordeeld tot een celstraf van 12 maanden waarvan 4 maanden voorwaardelijk met aftrek van de tijd in voorarrest doorgebracht. De man stond onder de lokale jachtopzieners nota bene bekend als een beschermer van de zeeschildpadden. Tijdens de zitting verweerde Orson zich door te beweren, dat hij vier studerende kinderen heeft en dat hij de eieren was gaan rapen om zijn schulden te kunnen aflossen. Toen hij de boete moest betalen, leende hij het geld bij familie. Hij moest zijn schuld terugbetalen en koos vervolgens voor het rapen van de eieren.
Officier van Justitie Roy Elgin: ‘U hebt uit winstbejag gehandeld. U bent beschermer, maar dan bent u gaan stropen. Binnen twee weken hebt u zich weer schuldig gemaakt aan het strafbare feit.’ Rechter Maytrie Kuldipsingh: ‘U hebt de weg van de minste weerstand gekozen. Ook familieleden die steeds voor u betaald hebben, hebben stank voor dank gekregen. U hebt geen lering getrokken uit de vorige lessen. Dan moet het maar nu met een gevangenisstraf.’

Het WWF Guianas spant zich al jaren in voor de bescherming van de ‘Surinaamse’ zeeschildpadden. Van de zeven zeeschildpadsoorten wereldwijd zijn er vier te vinden op Surinaamse stranden: de lederschildpad (aitkanti, Dermochelys coriacea), de groene- of soepschildpad (krapé, Chelonia mydas ), de warana (Olive Ridley, Lepidochelys olivacea) en de karet (Eretmochelys imbricata). In Guyana, Suriname en Frans Guyana houdt de organisatie zich onder andere bezig met zeeschildpaddenonderzoek, het beschermen van nestgebieden door controle en patrouilles op legstranden en het ontwikkelen van ecotoerisme en alternatieven voor niet-duurzame vismethodes en stroperij. Het WWF Guianas besteedt op haar website uitgebreid aandacht aan haar inspanningen om de zeeschildpadden te beschermen, vooral op de legstranden en in de kustwateren.

Aantal nesten lederschildpadden
Het jaarlijks aantal nesten van de lederschildpad op de Surinaamse legstranden blijkt sinds 1967 zeer uiteenlopend te zijn, soms tot zelfs een verschil van rond de 9.000. Dat blijkt uit een overzicht in het rapport ‘An Assesment of the Leatherback Turtle Population in the Atlantic Ocean’ uit april 2007 van het Amerikaanse ministerie van Handel en het ‘National Oceanic and Atmospheric Administration’, opgesteld door de ‘Turtle Expert Working Group’. In de uit ruim vijfentwintig internationale leden bestaande werkgroep was Suriname alleen vertegenwoordigd door Yvette Merton van StiNaSu.

In 1967 werden slechts 90 nesten van de lederschildpad geteld. De volgende jaren was tot en met 1985 een stijgende lijn te bespeuren in het aantal. In 1975 1.625 nesten, in 1984 7.291 en een jaar later 12.401. Vervolgens daalt het aantal in 1986 sterk tot een aantal van 3.599 waarna het in 1988 weer steeg tot 11.436. Maar, een jaar later was er weer een onverklaarbare daling waar te nemen: 2.732. Vervolgens nam het aantal tot en met 2001 weer toe: 1992 een aantal van 10.784 nesten, 1999 16.500 en 31.000 nesten in 2001. De laatste cijfers in het rapport dateren van 2004, 6.600, en 2005 10.000 nesten. Tussen 2001 en 2005 zouden er 7.936 vrouwtjes lederschildpadden zijn geteld, aldus het onderzoeksrapport. In diezelfde periode werd echter ook geconstateerd dat tussen de 9- en 18 procent van de vrouwelijke lederschildpadden verwondingen bleek te hebben, waarvan de meeste waarschijnlijk het gevolg waren van visserijactiviteiten in de Surinaamse kustwateren: 83 procent ‘machette- of netverwondingen’, 1 procent door vishaken en scheepsschroeven/propellers en 16 procent van de dieren had geheel of deels geamputeerde flippers of achterpoten.

Geen cijfers populatie lederschildpadden Suriname
Avanaisa Turny van het WWF Guianas laat in een reactie weten, dat alleen tussen 2000 en 2005 individuele vrouwtjes lederschildpadden zijn geteld. ‘Wij observeren de nesten. Dat is een relatief ‘zwakke’ representatie van de lederschildpaddenpopulatie. Daarnaast zijn het marinedieren, het is een klein percentage van hun tijd dat zij feitelijk op land doorbrengen. Hun populaties zijn niet per land, waar zij nesten, verdeeld, maar in groepen die samen migreren om te paren. Het is uit genetische studies gebleken dat wij één populatie delen met Trinidad, Guyana en Frans-Guyana.’

Over de grote verschillen tussen bepaalde jaren van het aantal nesten zegt Turny: ‘De variaties tussen opeenvolgende jaren is alsvolgt te verklaren. Lederschildpadden die in deze regio komen leggen, komen individueel gemiddeld om de twee tot drie jaar terug om te leggen. Deze tijd gebruiken ze om naar fouragegebieden te reizen, zich vet te mesten om terug te zwemmen om weer eens een legseizoen te coveren. Als je drie groepen hebt A, B en C dan komt in 2001 groep A, in 2002 groep B, in 2003 groep C en een deel van A (die goede fouragegebieden hebben gespot), in 2004 komt de rest van A en en een deel van B, etcetera. Het aantal nestelende wijfjes in een bepaald jaar, maar ook het aantal nesten, zegt nog niets concreets over de grootte van de populatie. Als je pittagging data (Kraaijer: pit = ‘passive integrated transponder’, een soort gps-zender) hebt kun je iets zeggen over de populatie als je minstens vijf jaar aan data hebt.’

Legstranden worden smaller
Tot slot komt Turny tot de conclusie dat er een daling in het aantal nesten in Suriname te bespeuren is, na een stijging in Frans-Guyana. ‘Het blijkt, dat onze ‘stabiele’ stranden in Galibi langzaam maar zeker smaller en steeds onaantrekkelijker voor lederschildpadden worden. Ze wijken vermoedelijk uit naar Frans-Guyana. Om dit wetenschappelijk te bewijzen moeten er pittagging data van zeeschildpadden op onze stranden geïdentificeerd gespot worden in de database van Frans-Guyana dat sinds 2000 en nog steeds pittagging doet. De Fransen zijn hiermee bezig. We zullen blijkbaar moeten wachten op resultaat’, aldus de zeeschildpaddendeskundige van het WWF Guianas in Paramaribo, Avanaisa Turny.

In een reactie op de mededeling van Turny dat de legstranden smaller worden, laat Maartje Hilterman van het ‘Team Aquatic Ecosystems’ binnen het IUCN National Committee of the Netherlands (IUCN NL) in Amsterdam - die jarenlang onderzoek heeft gedaan naar de lederschildpad en andere zeeschildpadsoorten in Suriname - op vrijdag 8 maart het volgende weten:
‘Het verdwijnen van sommige stranden als legstrand is voor lederschildpadden niet zo erg, deze processen zijn in de Guianas regio heel normaal. Stranden komen en gaan en lederschildpadden passen zich daar snel op aan. Ze zijn van alle zeeschildpaddensoorten het meest flexibel in de keuze van hun legstrand, en zijn tevens pioniers als het gaat om het 'bevolken' van nieuwe stranden. Zie ook de poster die we hierover in 2005 op een symposium gepresenteerd hebben. Wel heel zorgelijk is inderdaad de stroperij! Alsook de gevolgen van sommige soorten visserij.’


Daags na ontvangst van de reactie van Avanaise Turny wordt 7 maart bekendgemaakt dat het WWF Guianas dit jaar 73.000 Amerikaanse dollar uittrekt voor het beheer van de legstranden en de bescherming van de zeeschildpadden. Het WWF tekende hiertoe een samenwerkingsovereenkomst met de Surinaamse regering.

Ondanks controles gaat het stropen van eieren gewoon door
Minister Ginmardo Kromosoeto van het ministerie van Ruimtelijke ordening, Grond- en Bosbeheer (RGB), die het contract met WWF tekende, riep de samenleving op om zeeschildpadeieren niet te stropen en te eten. Het legseizoen is in februari begonnen en tot donderdag 7 maart waren er al 3.700 gestroopte eieren in beslag genomen.

Tijdens een controle door de politie van de post te Stolkertsijver werd zondag 10 maart de chauffeur van een bestelbus aangehouden. De man bleek 29 zakken met  eieren van de krapé ofwel groene zeeschildpad in de bus te vervoeren. Geschat wordt dat er ongeveer 500 eieren in een zak zaten, hetgeen zou betekenen dat de man in totaal rond de 14.500 eieren gestroopt zou hebben.

De Ware Tijd bericht dinsdag 19 maart, dat ene O.K die enkele weken terug werd gearresteerd met circa 3.000 schildpadeieren in bezit, in het weekeinde van 16 en 17 maart weer te zijn aangehouden. Bij een controle op Galibi stuitten jachtopzieners voor de tweede keer op de stroper die deze keer ongeveer 1.000 eieren in zijn bezit had. ‘Het is erg lastig en dan geldt het niet alleen voor deze man, maar ook voor anderen die zich hieraan schuldig maken’, zegt Roy Ho Tsoi, hoofd jachtopzieners van ‘s Lands Bos Beheer in de Ware Tijd Online dinsdag 19 maart 2013.
O.K had een tas bij zich en een rol zwarte plastic zakken om de eieren in te doen. Nadat hij eerder deze maand betrapt werd, moest hij een boete van 10.000 SRD betalen. Ho Tsoi zegt, dat de man in het weekend werd betrapt bij het uitgraven van nesten. ‘Hij heeft zich hevig verzet en hij was wanhopig.’

Volgens Ho Tsoi zijn stropers moeilijk op te merken, omdat het terrein uitgestrekt is en zij in de nachtelijke uren bezig zijn. ‘We hebben een bepaalde routine uitgestippeld, maar dat hebben ze al gauw door.’
Het afdelingshoofd zegt dat personen die de eieren opkopen even schuldig zijn als de stropers. In het weekeinde werd een opkoper, die 54 eieren had gekocht in Lelydorp, beboet met 1.500 SRD. ‘Je weet dat het strafbaar is en toch koop je het’, aldus  Ho Tsoi.

Een paar dagen later was her weer raak. De politie van Marienburg heeft op de avond van 20 maart drie mannen aangehouden bij Marienburg die in totaal 17 zakken met 7.250 krapé-eieren in bezit hadden, zo meldde het Dagblad Suriname donderdag 21 maart 2013. Eerder waren al acht mannen aangehouden met meer dan 3.000 krapé-eieren in hun bezit.

Noot:
De Surinaamse avondkrant De West besteedde in haar editie van vrijdag 10 mei 2013 aandacht aan het stropen van eieren van beschermde zeeschildpadden en vooral de vraag of het soms voor lokale bewoners, van bijvoorbeeld Galibi, is toegestaan om eieren te stropen. Dezelfde krant besteedde een paar dagen later, dinsdag 14 mei 2013, weer aandacht aan het stropen van zeeschildpadeieren en deze keer vooral aan het feit dat de Jachtwet gewijzigd wordt, waardoor strengere straffen kunnen gaan worden opgelegd aan stropers.

Lees ook dit artikel van donderdag 11 juli 2013 over de stand van zaken met betrekking tot het stropen van eieren en het onthullen van een billboard door het WWF Guianas met een tekst die mensen ervan moet weerhouden om eieren te eten.....

Op 26 juli 2013 werd bekend dat in 2013 tijdens het legseizoen een record aantal eieren in beslag is genomen van 61.000....!

zaterdag 23 maart 2013

De Ware Tijd gebruikt zonder bronvermelding artikel Kabinet van de President

Krant blijkt allergisch voor bronvermelding

Journaliste suggereert ten onrechte dat zij personen heeft geïnterviewd 

Citaten zonder bronvermelding overgenomen uit artikel Kabinet van de President 

23-03-2013  Door: Paul Kraaijer


Paramaribo - Hoe handig is het om als journalist van de Ware Tijd gebruik te maken van een artikel op de website van het Surinaamse Kabinet van de President. Natuurlijk, waarom niet. Maar, wees dan wel zo correct om het Kabinet van de President als bron te vermelden en doe niet net alsof geciteerde personen door jou, journalist van de Ware Tijd, zijn benaderd voor een reactie.

De Nederlandse journaliste Astrid van Oosterum doet in haar artikel van vandaag in de Ware Tijd, met als kop 'Gevoel van hoop na goedkeuring $3,8 miljoen voor REDD+', net alsof zij onder andere de directeur van het klimaatbureau van het Kabinet van de President, John Goedschalk, heeft geïnterviewd door woorden als 'benadrukt' en 'beklemtoont' (Goedschalk) te gebruiken. Maar, de teksten blijken letterlijk te zijn overgenomen uit het bericht op de website van het Kabinet van de President. De bron wordt gemakshalve niet vermeld.....




Klik hier voor het volledige artikel zoals dat gisteren, vrijdag 22 maart 2013, is geplaatst op de website van het Kabinet van de President.

woensdag 20 maart 2013

Suriname weet zich geen raad met afval

Vuilstort Ornamibo zorgt al vele jaren voor overlast

Regering komt omwonenden nauwelijks tegemoet

Surinames grootste vuilstort onvoldoende gemoderniseerd

20-03-2013 Door: Paul Kraaijer

Paramaribo - Omwonenden van de vuilstortplaats Ornamibo zijn de overlast die zij door de vuilnisbelt ondervinden meer dan zat. Ze belegden donderdag 21 februari een speciale persconferentie om hun klachten met de Surinaamse samenleving, via de lokale media, te kunnen delen. De buurtbewoners zien graag dat Ornamibo wordt gesloten. 

President reageert niet op brief omwonenden
De bewoners lieten ook weten dat zij al op 7 september vorig haar in een brief aan president Bouterse, met vijfhonderd handtekeningen van buurtbewoners, hebben kenbaar gemaakt hoeveel last ze van de rook en stank ondervinden. De brief werd ook verzonden aan minister Ramon Abrahams van het ministerie van Openbare Werken, maar geen enkele reactie is ontvangen.

Naast de rook, veroorzaakt onder andere ’s avonds door het illegaal verbranden van vuil op de vuilnisbelt, hebben omwonenden ook hinder van muskieten, vliegen, ratten, kakkerlakken en zeer vele aasgieren, maar ook van vervuild water en gasvorming. Daarnaast worden te Ornamibo ook nog eens dode en levende dieren gedumpt, als afval en worden veel gevaarlijke, giftige, labariaslangen gezien. Diverse omwonenden kampen met gezondheidsproblemen, waaronder astmatische aandoeningen.



Kritiek op- en bijval voor politicus Gajadien
De bewoners worden, op hun verzoek, bijgestaan door het Assembleelid Asiskumar Gajadien van de Verenigde Hervormingspartij, VHP. Volgens hem heeft de overheid de percelen van de vuilstort geoccupeerd ofwel gekraakt. De eigenaren willen hun stuk terrein echter terug. Gajadien liet weten Abrahams geld heeft om de vuilstortplaats aan te pakken, maar dat op de begroting voor dit jaar geen enkele Surinaamse dollarcent hiervoor is opgenomen. Er was echter ook kritiek te horen op de rol nu van Gajadien. De coördinator van de vuilstortplaats, Percy Stijfmeyer, vermoedt dat Gajadien op politiek gewin uit is met deze actie. Hij vraagt zich af waarom de parlementariër zich nu op deze wijze gedraagt, terwijl hij onderdirecteur is geweest op het ministerie van Openbare Werken, onder minister Dewanand Balesar

(2000 – 2005, regering Venetiaan-2: het Hof van Justitie stelde eind mei 2010 Balesar op vrije voeten. Zijn derde verzoek tot vrijlating werd gehonoreerd en hij had er bijna driekwart van zijn gevangenisstraf opzitten. De oorspronkelijke straf, die eind december 2008 werd opgelegd, was twee jaar voor fraude. Balesar hield echter vast aan zijn onschuld en ging in hoger beroep. De twee jaar celstraf werd opgelegd voor geknoei met opdrachten op het ministerie van Openbare Werken. Balesar tekende voor opdrachten van aannemers die nooit werden uitgevoerd. Het Openbaar Ministerie had vier jaar celstraf geëist. Hangende het proces was de ex-minister op vrije voeten. Hij trad uit het kabinet, nadat een tipgever belastende documenten bij het Openbaar Ministerie had ingediend.),

toen de problemen en de overlast er ook al waren. De VHP’er was betrokken bij een commissie die zich bezighield met plannen voor een verzelfstandiging van vuilophaal en vuilverwerking. Volgens Gajadien zou er een gecontroleerde vuilstortplaats komen te Ornamibo waarvoor aanbestedingen waren gehouden, maar niet duidelijk is wat er met dat plan verder is gedaan. Het VHP-Assembleelid zei voor de camera van het dagelijkse actualiteitenprogramma ‘In de Branding’ van Apintie TV dat hij verder daarvoor niet verantwoordelijk was en niet weet wat de verantwoordelijken verder gedaan hebben met de plannen voor een gecontroleerde vuilstortplaats. En nu zijn er volgens Gajadien geen middelen voor ofwel geen geld.

 

Grazende koeien
Het is niet voor het eerst dat omwonenden aan de bel trekken en eisen dat de vuilstort Ornamibo wordt gesloten. Al jarenlang worden te Ornamibo dagelijks grote hoeveelheden huisvuil, grofvuil en ander afval, ook ziekenhuisafval, gedumpt en zo goed en zo kwaad als het gaat van een laag zand voorzien. Maar, recente beelden van Ornamibo laten een bijna open vuilstort zien waar allerlei afval aan de oppervlakte ligt, niet door zand afgedekt, en waar vele tientallen aasgieren op zoek zijn naar een ontbijtje. Daarnaast lopen er koeien rond, die wellicht binnen afzienbare termijn als een heerlijk stukje vlees terug te vinden zijn op de borden van burgers. Hoe gezond en heerlijk zal een dergelijk stukje vlees zijn.......

Het ‘probleem’ Ornamibo sinds 2006
Toenmalig ATM-minister: ‘Locatie vuilstort Ornamibo ongeschikt’
Begin november 2006 maakte toenmalig minister Ganeshkoemar Kandhai van Openbare Werken bekend dat de vuilstortplaats Ornamibo zou worden heringedeeld. Maar, het ging slechts om een noodmaatregel om een einde te maken aan de aanhoudende stank- en rookoverlast voor de omgeving. De mededeling kwam daags na het einde van een dagenlange brand van de vuilstort, die vermoedelijk was veroorzaakt door zogenoemde ‘rapers’, die vooral op zoeken waren naar bruikbaar en te verkopen kopermateriaal. Van enige herindeling was echter geen sprake, slechts werden truckladingen zand gestort. Volgens minister Joyce Amarello-Wlliams van het ministerie van Arbeid Technologische ontwikkeling & Milieu (ATM) was de ligging de vuilstort ongeschikt.

De eerste moderne vuilstortplaats van Suriname, werkelijkheid of zoethoudertje?
Ruim een jaar later, eind januari 2007, werd bekend dat binnen niet te lange tijd de eerste moderne vuilstortplaats van Suriname in gebruik zou worden genomen: Ornamibo zou worden heringericht volgens internationale milieustandaarden en afval zou worden gesorteerd, beheerd en gecontroleerd. Gesproken werd van een mijlpaal. Ewald Gerard, toenmalig directeur Bouwkundige Werken en Dienstverlening van het ministerie van Openbare Werken, liet via de media weten dat een aanbieder van vuil instructies zou gaan krijgen om in een bepaalde ‘cel’ te storten, waar opzichters de aanbieder vervolgens zouden moeten instrueren. Het gedumpte vuil zou dagelijks worden afgedekt met zand en bespoten worden met bestrijdingsmiddelen. Van stank, rook en gassen door het veelvuldig in brand steken zou geen sprake meer zijn. Er zouden weegbruggen en een afvalregistratiesysteem.

Herinrichting à 385.000 euro.....
Toenmalig minister Rick van Ravenswaay van Planning en Ontwikkelingssamenwerking (Plos) en Ganeshkoemar Kandhai van Openbare Werken (OW) ondertekenden 11 januari 2007 het project ‘Het aanleggen en inrichten van een gecontroleerde vuilstortplaats te Ornamibo (Fase 1)’. Het project wordt voor ruim 385.000 euro gefinancierd uit het Startfonds (Nederlandse Verdragsmiddelen). Het ministerie van Plos stelde ongeveer 1 miljoen euro beschikbaar. Dit werd op 12 januari 2007 bericht door het Dagblad Suriname en de Ware Tijd. Laatstgenoemde krant schreef overigens abusievelijk, dat het ging om 385 miljoen euro.
Aannemer AGWW (Aannemers-, Grondverzetbedrijf Water en Wegenbouw) moest binnen acht maanden de nieuwe stortplaats in gereedheid brengen. Met dat bedrijf was op 29 december 2006 bij OW een samenwerkingscontract ondertekend voor de herinrichting van de vuilstort.
In de begroting voor het jaar 2011 van OW werd vermeld dat in 2007 een aanvang is gemaakt met de herinrichting en dat voor de eerste fase een bedrag werd uitgetrokken van bijna drie miljoen Surinaamse dollar. In vier fasen moet in totaal zestig hectare worden heringericht. Op de heringerichte vuilstort moet het aangeleverde vuil in lagen gestort worden. Na een bepaalde hoeveelheid en het bereiken van een hoogte van vijftien meter, wordt het vuil afgedekt met zand. Bij de herinrichting zou de stortplaats opgebouwd moeten worden met hoogteverschillen van telkens twee meter. Nadat de eindhoogte is bereikt, moet alles afgedekt worden met klei. De nieuwe vuilstort moet voorzien zijn van leidingen, onder de grond, om het vervuilde water in op te kunnen vangen. Vervolgens zal het water in speciale vergaarbakken opgevangen en gezuiverd worden, waarna het gezuiverde water de Pararivier in zal stromen.

Maar, ondanks gedane toezeggingen vanuit de overheid bleef de stortplaats voor overlast zorgen. In de tweede week van mei 2009 bleek dat gedumpt vis-, brood- en vleesafval te Ornamibo in opdracht door rapers werd verzameld om vervolgens terecht te komen in de keukens van verkopers van worst en andere etenswaren. Dit werd 12 mei bekendgemaakt door de Ware Tiijd. Met grote regelmaat kwamen afnemers van de vis-en vleesdelen naar de vuilstortplaats. De rapers werden voor hun werkzaamheden vergoed.

Dezelfde krant berichtte in haar editie van vrijdag 16 maart 2012 dat met het uitbreiden van de vuilophaaldienst er natuurlijk ook meer vuil verwerkt moest gaan worden. Uit het artikel werd duidelijk dat er een folielaag op de vuilstort was geplaatst om vervuiling van de bodem zoveel mogelijk te voorkomen en ook dat de grond was verhoogd. Daarnaast meldde de krant dat er daadwerkelijk een irrigatiesysteem is aangelegd om vuil water te zuiveren en het schone water te lozen in de Pararivier.

OW in mei 2012: ‘Het moet verbeterd worden’
De stankoverlast werd echter niet verminderd. Begin mei 2012 verklaarde Valery Lalji, waarnemend onderdirecteur dienstverlening bij het ministerie van Openbare Werken, dat Ornamibo de hoeveelheid vuil nog wel aan kan, ‘maar het is niet de ideale wijze om het vuil te verwerken. We kijken ook uit naar een andere verwerkingsmethode. Het moet verbeterd worden.’ Aan de stank die vrijkomt kan vooralsnog niets gedaan worden. Er worden volgens Lalji wel reinigingsmiddelen gebruikt om de stank te verminderen. ‘We werken er hard aan om er dit jaar nog een oplossing voor te hebben. Het moet een strategische plek zijn die zodanig ligt, dat het grondwater niet besmet raakt.’ Anno eind februari 2013 is er nog steeds geen afdoende oplossing gevonden.

Ook asbestafval 
Een maand later, 15 juni 2012, bevestigde Steven Codrington, waarnemend hoofd van de afdeling Vuilophaal en Verwerking binnen het ministerie van Openbare Werken (OW), op vragen van mij in verband met een artikel over asbestdakplaten, dat asbestafval te Ornamibo wordt gedumpt. Codrington: ‘Er is op de stortplaats te Ornamibo inderdaad een locatie waar asbest wordt opgeslagen. Deze locatie is in de tijd samen met het NIMOS (Nationaal Instituut voor Milieu en Ontwikkeling in Suriname) aangewezen en is ook met GPS-coördinaten vastgelegd. Het is ook de enige plaats in Suriname waar asbestafval wordt begraven.’ Ontwikkeling in Suriname) aangewezen en is ook met GPS-coördinaten vastgelegd. Het is ook de enige plaats in Suriname waar asbestafval wordt begraven.’
Codrington verzekerde dat er geen enkel risico bestaat dat, bijvoorbeeld bij een brand, een shovel begraven asbestafval kapot zou kunnen trekken waardoor het levensgevaarlijke asbeststof zou kunnen vrijkomen. ‘De locatie waar asbestdakplaten worden begraven is afzonderlijk van de locatie waar het dagelijks huishoudelijk afval wordt verwerkt. Er rijdt dus geen machine over de locatie waar de platen worden geplaatst.’
Volgens Codrington was begin juni 2012 op de vuilstort Ornamibo 413 kubieke meter asbestafval (asbesthoudende dakplaten) begraven. Op de vraag aan Codrington of met het begraven van asbestafval niet een probleem naar de toekomst wordt verschoven, antwoordde hij: ‘Neen, het is geenszins de bedoeling dat het voor eeuwig zo blijft, maar dat na de herinrichting van de stortplaats er een permanente oplossing komt.’

De herinrichtingswerkzaamheden liggen echter al een paar jaren stil. Steven Codrington, begin juni 2012: ‘In 2009 zijn deze werkzaamheden door uiteenlopende oorzaken stopgezet. Het is de bedoeling dat, na een gedegen evaluatie, de voortgang van het project verder ter hand zal worden genomen, aangezien reeds zeventig procent van het project gerealiseerd is.’
Ook nu, voor dit artikel, heb ik Codrington benaderd met enkele vragen over de actuele stand van zaken voor wat betreft de herinrichting van de vuilstort en ook wat er met de 380 euro uit Nederland is gebeurd. Maar, deze keer bleef het stil, een reactie kwam niet.

Raper overreden door bulldozer gevolgd door protesten omwonenden 
Een paar weken na de opmerkingen van Codrington kwam de vuilstort weer eens in het nieuws. De 39-jarige raper Alfred ‘Pape’ Bongsodipo was in zijn slaap op de vuilstort op 6 juli 2012 door een bulldozer overreden en aan zijn verwondingen overleden. De man had de nacht op het vuil doorgebracht in één van de lege kartonnen dozen, die op de binnenwegen van de stortlocatie lagen. De bulldozerchauffeur die vroeg aan het werk ging, ging ervan uit dat er zoals vaker het geval was, weer lege dozen op de weg waren. Hij reed dan ook zonder erbij stil te staan over de dozen. Een aantal omwonenden van de vuilstortplaats Ornamibo liet via het Dagblad Suriname weten, dat ‘het nu tijd wordt dat de overheid iets doet met de mensen op de vuilstortplaats’. Op de vuilstort zijn enkele tientallen rapers aan het werk die op die manier proberen een boterham te kunnen verdienen. Er wordt ze geen strobreed in de weg gelegd door medewerkers van Openbare Werken.

Twee weken later besteedde dezelfde krant aandacht aan de overlast die omwonenden nog steeds ondervonden van de vuilstort. ‘De geur is niet uit te houden. Mensen die in de nabije omgeving wonen, kunnen niet eens op hun terras zitten om wat frisse lucht te happen. We kunnen niet eens op ons balkon zitten en moeten de deuren dag en nacht gesloten houden’, vertelde een buurtbewoner. Natasja zei in gesprek met een verslaggever van de krant, dat zij geen visite kan ontvangen vanwege de heersende situatie. Niemand durft op bezoek te komen, omdat gasten het gevoel krijgen op een vuilnisbelt te zijn. De vuilstortplaats wordt gescheiden door een goot. De buurtbewoners zeiden te hopen dat de situatie weer leefbaar wordt gemaakt en dat zij in de toekomst af zijn van ‘de ellende’.

Aandacht in De Nationale Assemblee
Het VHP-Assembleelid Asiskumar Gajadien riep op 4 oktober 2012 in De Nationale Assemblee de regering op om snel op te treden en de problemen rond de vuilstortplaats Ornamibo op te lossen. Er was nog steeds op en rond de vuilstortplaats sprake van een enorme stank die ver in de omgeving in alle huizen doordringt. Door personen, vermoedelijk de rapers die rond de belt rondhangen, werden ook nog eens autobanden in brand gestoken, aldus de politicus. Ook toen kwam de brief van 7 september van de omwonenden ter sprake, gericht aan president Bouterse, en waar nog niet op was gereageerd. Gajadien zei dat de regering of snel moest ingrijpen of het besluit moest nemen om de locatie te sluiten. Hij kreeg bijval van Assembleevoorzitter Jennifer Geerlings-Simons.

Plotseling doken erfgenamen op.....
Medio januari van dit jaar doken plotseling enkele erfgenamen van de eigenaar van de grond van de vuilstort Ornamibo, Mataw Janki, op die in actie kwamen en dreigden de locatie te barricaderen. In 2000 zou het ministerie van Openbare Werken met enkele erfgenamen van Janki een ruil overeengekomen zijn. Hierbij werd een deel dat toebehoorde aan de erfgenamen, groot 41,5 hectare aan de Parakreek, geruild. Dat perceel staat nu bekend als de vuilstortplaats Ornamibo. Na twaalf jaren hebben niet alle erfgenamen in ruil voor hun aandeel, een ander stuk grond van de overheid gehad, terwijl de overheid dagelijks gebruik maakt van hun perceel.
De Kantonrechter heeft in deze kwestie al een vonnis gewezen, waarin de Staat veroordeeld werd om binnen drie maanden een perceel toe te wijzen aan de erfgenamen op straffe van een dwangsom. Volgens een van de erfgenamen is de dwangsom reeds lang opeisbaar. De erfgenamen hebben in december 2012 een laatste verzoek aan de minister van Ruimtelijke ordening, Grond- en Bosbeheer (RGB) gedaan. Het stuk perceel staat nog steeds op naam van de erfgenamen waardoor zij juridisch nog steeds de eigenaren zijn. Zij hebben aan de minister kenbaar gemaakt, dat indien niet binnen een maand na het schrijven wordt gereageerd, zij de toegang tot dat terrein zouden barricaderen. Inmiddels is die tijd verstreken en de erfgenamen maken zich op om op zeer korte termijn acties te ondernemen. Maar, de erfgenamen bleven stil, het zijn omwonenden die eind februari aan de bel trokken om weer aandacht te vragen voor de zeer onhygiënische situatie op en rond de vuilstort.

Reactie OW-minister Abrahams
Minister Ramon Abrahams van Openbare Werken liet woensdagavond 27 februari 2013 via De West weten, dat de Ornamibo-kwestie eigenlijk een politiek spel is. 'Het is duidelijk dat mensen worden aangezet om zaken te doen’, aldus Abrahams. Hij benadrukte, dat de gronden te Ornamibo weggegeven zijn door de vorige regering en niet door de huidige regering.

Asiskumar Gajadien verklaarde tegenover de krant, dat hij uit bronnen heeft vernomen dat van de elf perceeleigenaren drie tot vier eigenaren zijn gecompenseerd en wel door de vorige regering. Het probleem van de overige niet gecompenseerde eigenaren ligt op het bord van de huidige regering.

‘Ik kan niet voor de vorige regering praten. Wat ik wel kan zeggen is dat de vorige regering een gecontroleerde vuilstortplaats wilde opzetten, maar dit project is uitgebleven’, aldus Gajadien. Volgens het lid van De Nationale Assemblee is er een aanbesteding gehouden, waarbij een deel van dit project is uitgevoerd en de rest uitgebleven is.

‘Het was de bedoeling dat de huidige regering hiermee verder zou gaan, maar informatie heeft me bereikt, dat de werkzaamheden helemaal stopgezet zijn’, aldus Gajadien, daarmee bevestigend hetgeen Steven Codrington in juni 2012 tegenover mij heeft verklaard.
Naar zeggen van Gajadien hebben de bewoners van dit gebied geen vertrouwen meer in de overheid en wensen daarom dat de vuilstortplaats gesloten wordt.

Petitie
Buurtbewoners van Ornamibo dienden donderdag 14 maart een petitie in bij het ministerie van Openbare Werken (OW), omdat ze niet langer te midden van de stank willen leven. Reshmi Bihariesingh, vertegenwoordiger van de bewoners verenigd in een actiecomité, zei, dat een eventueel in te dienen schadeclaim bij de regering 'on hold' is gezet. Mocht na het indienen van de petitie geen reactie van het ministerie volgen, dan zullen er wel stappen worden ondernomen, aldus Bihariesingh maandag 11 maart tegenover de Ware Tijd. In het comité zijn dertig personen vertegenwoordigd uit onder andere de buurten Dijkveld, Houttuin, Adhinweg, Vredenburg serie A en B en het Sewdajalproject.

Actiegroep SOS, Stop Ornamibo Stort, in leven geroepen
Sinds begin maart 2013 heeft Actiegroep SOS een eigen Facebookpagina om aandacht te vragen voor de al jarenlang voortslepende problemen rond de vuilstort Ornamibo. Hierop is onder ander te lezen

'Vuilstortplaats Ornamibo .. de beerput van Paramaribo, Wanica en omstreken.. een bron van ziekten, stank en verderf .
Buurtbewoners van Houttuin, Vredenburg serie A + B, Domburg, Ornamibo, PWB project, Sewdayal Project . ..zijn het zat !

Waar hebben wij last van :
• een enorme ongedierteplaag : vliegen, aasgieren, ratten, kakkerlakken en muskieten
• de steeds sterker wordende stank in de omgeving.
• Rook en gas vorming bij verbranding, en praten we over een sterke brandende rook, waarbij ademhalingsproblemen en astma verschijnselen optreden (zware blootstelling aan zeer vervuilde lucht)
• Vervuild drink en huishoudelijk water. Er wordt hier veelvuldig gebruik gemaakt van regenwater. Bepaalde huishoudens zijn ook nog eens niet aangesloten op het waterleidingnet. Het opgevangen regenwater staat vaak bloot aan de gifgassen die vrijkomen, maar ook aan uitwerpselen van de ongedierte. Maar ook het water, dat gebruikt wordt voor de dieren en planten van de vele boeren in de omgeving, is zwaar vervuild.
• De kolonies aan straathonden die hier in de omgeving leven, maar ook veelvuldig worden gedumpt. Dit is weer een apart probleem, omdat wij elke dag geconfronteerd worden met kadavers op de weg of zieke honden die het erf opwandelen.
• Zware vervuiling van de Highway, door alle vuilzakken en rommel die vanuit de vuilwagens op de weg vallen. De trucks zijn veelal overbeladen en laten vaak een spoor van rotzooi op de weg liggen; dit geldt ook voor visafval. Wat natuurlijk weer talloze zwerfhonden met zich meebrengt.

Het is een zorgelijke situatie, die absoluut aangepakt moet worden.'


Wat heeft het NIMOS gedaan?
De afgelopen jaren heeft het NIMOS passief toegekeken naar hoe de situatie op de vuilstort Ornamibo verergerde. Het instituut is zelfs in het verleden akkoord gegaan met de komst van deze vuilstort vlakbij bewoond gebied en ook is zij akkoord gegaan met het daar onder de grond begraven van asbestafval (dakplaten).
De opmerkingen vanuit het NIMOS in de tweede week van maart van dit jaar, dat zij samen met het ministerie van Openbare Werken wil zoeken naar een oplossing van het stankprobleem, neem ik dan ook met een korrel zout. De oplossing was al gevonden toch? Het afval begraven onder een laag zand.....
Het is een niet serieus te nemen opmerking vanuit de papieren tijger, het NIMOS. Alsof zij denkt met toiletspray of iets dergelijks het stankprobleem aan te kunnen pakken, terwijl het om een veel groter probleem gaat: de aanwezigheid van een dergelijk grote vuilstort bij bewoond gebied. Dat had nooit mogen gebeuren.
Laten het NIMOS en het ministerie van Openbare Werken zoeken naar een nieuwe locatie voor een compleet nieuwe vuilstort, ver buiten bewoond gebied.
 
Afvalprobleem blijft heet hangijzer waar regering geen raad mee weet
De vraag is gerechtvaardigd of de regering deze keer wel actie gaat ondernemen om vaart te zetten achter de herinrichting van de vuilstort. Daarenboven zou de overheid er goed aan doen om een nieuwe locatie te zoeken, immers er kan niet tot in het oneindige vuil gestort blijven worden op de huidige vuilstort. De regering zou gedegen beleid moeten gaan ontwikkelen om de afvalproblematiek in het land goed ter hand te nemen en ook om te zorgen voor een goede afvalscheiding en recycling van diverse materialen.


Als natuurlijke afvalverwerkers zijn gieren vitaal voor ons ecosysteem -- waarom hebben ze dan zo'n slechte reputatie? Waarom zijn er zoveel met uitsterven bedreigd? Roofvogelbioloog Munir Virani zegt dat we meer aandacht moeten hebben voor deze unieke en slecht begrepen schepselen, om onze perceptie te veranderen en de gieren te redden.

zaterdag 16 maart 2013

'Onderzoeksjournalistiek in Suriname vergt tijd, omdat er veel onderzoek gedaan moet worden’

Journalisten maken te weinig gebruik van Nationaal Archief Suriname

Hoe realistisch is conclusie afstudeerproject AHKCO-studente werkzaam bij NAS?

16-03-2013 Door: Paul Kraaijer


PARAMARIBO – Soms kom je van die berichten in Surinaamse media tegen, waarvan je je afvraagt hoe nieuwswaardig ze zijn. Neem nu het artikel ‘Journalisten maken te weinig gebruik van Nationaal Archief’ geschreven door de Nederlandse journaliste Astrid van Oosterum in de Ware Tijd van vandaag, zaterdag 16 maart 2013.

Journalisten maken bij het doen van onderzoek voor hun artikelen te weinig gebruik van het Nationaal Archief Suriname (NAS). Dit zou deels komen door onwetendheid bij journalisten over de aanwezige informatie die het NAS heeft. Maar het NAS zou ook moeten werken aan haar eigen voorlichting, concludeert Audrey Koenders in haar afstudeeropdracht aan de Academie voor Hoger Kunst- en Cultuuronderwijs (AHKCO).

- Op 12 april 2010 werd het NAS door toenmalig president Ronald Venetiaan geopend. Met die nieuwbouw kreeg het land de beschikking over een zeer professionele huisvesting van zijn archieven. Bij de opening droeg de Nederlandse Algemene Rijksarchivaris Martin Berendse ruim honderd meter archiefstukken aan het Nationaal Archief van Suriname over. In 1996 was het de toenmalige minister van Ontwikkelingssamenwerking, Jan Pronk (PvdA), die het idee voor de bouw van een goed geoutilleerd Surinaams archief opperde, naar aanleiding van het verloren gaan van waardevolle archiefstukken door een brand. In 2002 startte de samenwerking tussen Nederland en Suriname waarbij Nederland mensen en middelen beschikbaar stelde om een goed geoutilleerd Surinaams archief te realiseren. Belangrijk onderdeel van het project was de realisering van een gloednieuw archiefgebouw. (Bron: Nationaal Archief Nederland) -

Ze onderzocht de relatie tussen journalistiek en archivistiek in Suriname.

Een onderzoeksjournalist moet veel onderzoek verrichten.....
In het artikel schrijft Van Oosterum letterlijk ‘Onderzoeksjournalistiek vergt meer tijd dan reguliere journalistiek, omdat er veel onderzoek gedaan moet worden.' Dit is natuurlijk een in kopper en zo voor de hand liggend, zelfs stompzinnig, dat de vermelding ervan feitelijk totaal overbodig is. Het zegt eerder weer het nodige over de algemene kwaliteit van de journalistiek in Suriname.

De journaliste schrijft verder dat het NAS, volgens Koenders, ‘bij uitstek geschikt’ is voor journalisten om informatie te vinden. Terloops wordt dan ook nog eens door Van Oosterum opgemerkt dat Koenders werkzaam is bij het Nationaal Archief Suriname. En dan ga je je in alle redelijkheid afvragen wat werkelijk de reden is geweest voor haar afstudeerproject.

Onderzoek niet echt objectief
Komt nog bij dat door haar slechts zestien journalisten zijn geënquêteerd werkzaam bij alleen de drie kranten Times of Suriname, de West en de Ware Tijd. Waarom kennelijk geen journalisten van het Dagblad Suriname zijn benaderd of van televisieactualiteitenprogramma’s of nieuwswebsites als Starnieuws blijft onduidelijk. Mochten wel anderen zijn benaderd door Koenders, dan ware het interessant geweest om te vernemen waarom die anderen mogelijk niet hebben willen meewerken aan haar enquête.

Zestien is natuurlijk veel te weinig om een goed beeld te krijgen van wat de Surinaamse journalist doet om aan informatie te kunnen komen. Deze zestien zouden volgens Koenders zelden archieven buiten die van hun eigen krant gebruiken voor het schrijven van hun artikelen. Onderzoeksjournalistiek en archieven zijn volgens de medewerkster van het Nationaal Archief Suriname ‘onlosmakelijk met elkaar verbonden’. Maar, het lijkt erop, dat zij totaal voorbij gaat aan de archiefwaarde van het internet in algemene zin. Als je als journalist diep spit in het internet kun je zeer veel ‘verborgen’ informatie boven water halen, ook zonder een Nationaal Archief Suriname.

Gemakzucht weerhoudt de journalist om naar het NAS te gaan.....
Gelukkig is ze zelf ook tot de conclusie gekomen dat er iets schort aan de bekendheid van het Nationaal Archief. Zij beveelt aan dat het NAS moet werken aan haar voorlichting ‘en proberen de drempel lager te leggen’. Maar, juist journalisten zouden als geen ander de weg naar het NAS moeten weten te vinden. Volgens mij steekt hier weer de gebruikelijke gemakzucht onder journalisten de kop op en wellicht ook het vermeende ontbreken van tijd.

Overigens stelt Koenders, dat het NAS zelf trainingen zou kunnen geven aan journalisten over ‘hoe om te gaan met het archief’. Dat zou ik het toppunt vinden en het is een degradatie van de journalist. Krijgen gewone burgers die iets willen zoeken in het Nationaal Archief ook eerst een training aangeboden? Maar, gelet op het feit dat het NAS haar werkgever is, is het ook wel weer begrijpelijk dat zij met die gedachte op de proppen komt.

Hoe ‘openbaar’ wordt Surinaamse Wet Openbaarheid van Bestuur?
Tot slot van haar artikel vermeldt Van Oosterum nog dat Koenders ook wijst op de komst van de Wet Openbaarheid van Bestuur, die het volgens haar journalisten makkelijker zou moeten maken om onderzoek te kunnen doen. Daar heeft Koenders inderdaad een punt. Maar, of je met een dergelijke wet, zodra die is afgekondigd, in Suriname als journalist ook in bezit kunt komen van documenten van de overheid valt te betwijfelen. In Nederland kun je als journalist vrij makkelijk met een beroep op deze wet aangevraagde documenten ontvangen, maar het kan gebeuren, dat bepaalde delen van documenten zijn gecensureerd ofwel onleesbaar zijn gemaakt.
Mijn gevoel is dat de censuur ‘blunderkalk’ in Suriname veel werk zal krijgen als er ooit een Wet Openbaarheid van Bestuur komt. Ooit, want ervaring leert dat het vele jaren en jaren kan duren voordat in Suriname een gewenste wet, ook als die in conceptvorm al gereed is, daadwerkelijk wet is geworden.

Informatie:
Het Nationaal Archief Suriname bevindt zich aan de Jagernath Lachmonstraat 174. Tel: 430035 Studiezaal 430035 toestel 106

Openingstijden studiezaal:
Maandag, woensdag & donderdag 07.30 u - 14.30 u.
Dinsdag 07.30 u - 20.00 u.
Vrijdag 07.30 u - 14.00 u.
Zaterdag 07.30 u - 13.00 u.

Website (vandaag, 16 maart 2013, echter niet bereikbaar)

donderdag 14 maart 2013

JTA nog steeds doelwit intimidaties en inbraken

Mogelijk politiek getinte inbraken bij leden JTA: alleen documenten organisatie gestolen

Ministerie van Justitie en Politie terughoudend met informatie

14-03-2013 Door: Paul Kraaijer (voor: obsession-magazine.nl)


Paramaribo - De organisatie ‘Jongeren tegen Amnestie’ (JTA) blijkt nog steeds te worden geïntimideerd. De redactie van Obsession-Magazine kon geen direct contact krijgen met de voorzitter of andere leden van JTA, maar bronnen rond de organisatie melden, dat de jongeren zich zorgen maken over hun persoonlijke veiligheid en over hun democratische rechten zoals het recht op vrije meningsuiting en het recht op vereniging.

Inbraken: buit alleen JTA-documenten
De afgelopen maanden is bij een aantal leden van JTA ingebroken, ook bij de voorzitter, aldus door de redactie van Obsession Magazine verkregen informatie. Bij de voorzitter hebben begin januari onbekenden ingebroken en werden alleen documenten van JTA organisatie gestolen en een bedrag van honderd Surinaamse dollar. Waardevolle goederen zoals een laptop, een camera en goud werden ongemoeid gelaten. Wel werd een NPS-vlag van de vader kapot gescheurd. Bij andere leden werd propagandamateriaal vernietigd.

Volgens verkregen informatie heeft de voorzitter als enige aangifte gedaan. Drie andere JTA-leden durfden geen aangifte te doen. De politie zou meteen hebben vastgesteld, dat het geen normale inbraak was bij de voorzitter thuis en dat de daders op informatie uit waren. JTA vindt dat deze vorm van intimidatie moet stoppen. De organisatie vindt het erop lijken, dat hoe meer ze de mond dichthoudt, hoe erger men de groep probeert te intimideren.

Over het verloop van het onderzoek naar de inbraak heeft JTA niets meer van de politie vernomen. Ook is de voorzitter niet door het Korps Politie Suriname geïnformeerd over de stand van zaken in het onderzoek naar de herkomst van de op 23 november vorig jaar ontvangen kogelbrief.

De letterlijke tekst van de brief luidde: ‘Als je weet wat goed voor je is, blijf je thuis vandaag. Laten we je niet meer op straat zien. Niet tijdens de EU-ACP vergadering en nooit meer.’

JTA wilde op 24 november op het Kerkplein handdrukken op doek verzamelen, als symbool van het protest tegen de omstreden aangenomen gewijzigde Amnestiewet. Met het protest wilde ze ook de honderden internationale deelnemers, parlementsleden uit Afrikaanse-, Caribische- en Pacifische landen en uit EU-landen, die deelnamen aan de ACP/EU-top in Paramaribo attenderen op die wet. Vanwege de dreigbrief werd de manifestatie afgelast.

Politiek scenariocomplot
De dreigbrief werd meegezogen in een politiek scenariocomplot met beschuldigingen over en weer.

Het NDP-Assembleelid Amzad Abdoel zei op 26 november via Starnieuws, dat hij een grondig onderzoek wilde naar de ‘kogelbrief’ die de JTA-voorzitter had ontvangen. Hij vroeg zich af waarom de organisatie van ‘Jongeren tegen Amnestie’ een dreigbrief kreeg met een kogel. Voor Abdoel stond het als een paal boven water, dat de oppositie vanaf het begin geprobeerd heeft om de ACP/EU-vergadering te dwarsbomen. ‘Nadat men inzag dat de ACP/EU-vergadering hier heel goed gaat en Suriname er trots op is, had men geen andere keuze dan te komen met een politiek scenario’, zei Abdoel. Hij vond dat Suriname beklad werd met een brief en een kogel.
‘Hoewel wij verwacht hadden dat vanuit de andere kant acties zouden worden ondernomen, vinden wij het bekladden van Suriname op zo’n manier ongepast. Wij eisen daarom dat er een onderzoek komt en dat het resultaat ervan ook naar de samenleving toe bekend wordt gemaakt’, stelde Abdoel. Hij zei verder er op toe te zien dat het onderzoek daadwerkelijk zou komen.

Abdoel reageerde op een reactie van het Nieuw Front naar aanleiding van de kogelbrief. De fractie bracht een verklaring uit, waarin zij stelde bijzonder geschokt te zijn door de dreigbrief, die de bedoeling zou hebben gehad om de voorzitter en anderen binnen de groep ‘Jongeren tegen Amnestie’ angst en vrees aan te jagen, monddood te maken en bovendien te bedreigen met de dood. ‘De dader(s), wie die ook mag/mogen zijn, heeft/hebben de bedoeling gehad de voorzitter en de andere leden van ‘Jongeren tegen Amnestie’ ervan te weerhouden gebruik te maken van het recht van vreedzame betoging zoals eveneens gegarandeerd wordt door de Grondwet’, aldus het Nieuw Front.

Het Korps Politie Suriname maakte op 28 november bekend, haar onderzoek naar de herkomst van de kogelbrief onverkort voort te zetten. ‘De leiding van het Korps Politie Suriname geeft aan, dat zij onverkort doorgaat met het ingesteld onderzoek. Er is inmiddels ook een buurtonderzoek gestart. De kogel is afgestaan aan de afdeling Forensische Opsporing voor verder onderzoek. De politie zal niet schromen om alle ten dienste staande middelen aan te wenden, om klaarheid te brengen in deze zaak’, aldus de politie in een verklaring. Overigens was de aangifte vanwege veiligheidsredenen ingetrokken.

De intrekking was, volgens de Ware Tijd van 28 november, koren op de molen van velen die sowieso al twijfels hadden over de echtheid van de bedreiging. Er was zelfs een vermoeden dat politieke tegenstanders van de regering JTA tot de aangifte had aangezet. De voorzitter stoorde zich echter niet aan de speculaties.

Na 28 november 2012 werd het angstvallig stil rond het onderzoek naar de herkomst van de dreigbrief en kogelhuls…

Korps Politie Suriname en Openbaar Ministerie huiverig om informatie te verstrekken
In een reactie laat inspecteur Drohpatie Ramkhelawan van de afdeling Voorlichting van het Korps Politie Suriname vandaag, donderdag 14 maart 2013, weten dat ze op de hoogte is van de beide aangiften. Maar, verder wil ze niet inhoudelijk reageren, omdat het dossier door de politie is opgemaakt en is verzonden naar het Openbaar Ministerie. ‘Het dossier wordt op hun niveau onderzocht, op hoger niveau’, aldus Ramkhelawan.

Een Persofficier van Justitie, die door de redactie van Obsession Magazine vandaag om een reactie is gevraagd, wrong zichzelf in bochten om de gestelde vragen over ‘het JTA-dossier’ vooral niet te beantwoorden. Uiteindelijk werd verwezen naar de Procureur-Generaal, die via de email moest worden benaderd. Onduidelijk is of het uitgevoerde politieonderzoek heeft geleid tot het in beeld krijgen van een of meerdere mogelijke verdachten die betrokken zijn geweest bij het verzenden van de kogelbrief of de inbraken bij JTA-leden.

Uit de reacties van het Korps Politie Suriname en het Openbaar Ministerie blijkt, dat het ministerie van Justitie en Politie op een of andere manier in de maag zit met het dossier, dat vanaf de aanvang een politiek tintje heeft gekregen.

JTA laat zich door intimidaties en inbraken niet uit veld slaan
Ondanks de diverse inbraken en intimidaties gaat ‘Jongeren tegen Amnestie’ onverstoord door met haar werkzaamheden en interne bestuursstructuur. De afgelopen maanden heeft de organisatie haar administratie opgeschoond. JTA zou inmiddels bestaan uit rond de tweehonderd jongeren afkomstig van Paramaribo en daar buiten. Het bestuur heeft niet-actieve leden uit de administratie verwijderd, nieuwe leden worden gescreend door de commissie Ledenwerving en er wordt veelvuldig overleg gevoerd over de vraag wat jongeren wel en niet kunnen doen.

In de eerste week van april is het een jaar geleden dat de Nationale Assemblee de gewijzigde Amnestiewet aannam. Dat is reden genoeg voor JTA om daar bij stil te staan. Er is zelfs een speciale commissie benoemd die zich bezighoudt met het coördineren van activiteiten in verband met één jaar Amnestiewet. Een voorbeeld hiervan is het uitdelen van honderd boeken van Theo Para ‘De schreeuw van Bastion Veere’. Hiermee hoopt de organisatie jongeren te kunnen informeren over de 8 decembermoorden. Er gaan meerdere activiteiten georganiseerd worden.

De voorzitter en andere leden van ‘Jongeren tegen Amnestie’ laten zich niet van de wijs brengen door ondemocratische intimiderende activiteiten en inbraken. Ze blijven gebruikmaken van hun Grondwettelijke en dus democratische rechten en blijven een kritisch vreedzaam geluid laten horen.

woensdag 13 maart 2013

'Eye-opener' voor Surinaamse milieuorganisaties

Britse acteur Jeremy Irons strijdt voor een Engeland zonder plastic zakjes

Ook Suriname wordt bedolven onder angstwekkende hoeveelheid plastic

13-03-2013 Door: Paul Kraaijer 


De bekende Britse acteur Jeremey Irons is de strijd aangegaan met het plastic zakje. Volgens een artikel in de Volkskrant van maandag 10 maart 2013 gebruiken Engelsen jaarlijks rond de acht miljard tasjes. De 64-jarige Oscar-winnaar is het helemaal zat. Het artikel is voor mij een aangename verrassing. Immers, in oktober 2010 schreef ik al een tekst over de vele, vele, vele duizenden kleine en grotere plastic zakjes en zakken die in Suriname dagelijks de vele supermarkten verlaten.

Volgens Irons symboliseert de plastic tas de gemakzuchtige wegwerpcultuur, het thema waarover hij in 2012 de documentaire Trashed maakte. 


In Nederland, Duitsland en Ierland zijn supermarkten al gestopt met het gratis uitdelen van plastic boodschappentasjes. Daardoor is het gebruik ervan afgenomen. Binnen het Verenigd Koninkrijk heeft Wales ook een heffing geïntroduceerd en de Schotten gaan dit ook doen. Engelse politici zijn echter huiverig, schrijft de Volkskrant.

Een voorstel van de Liberaal-Democraten om een heffing van 5 of 10 pence in te voeren, is onlangs afgeschoten door de Conservatieve staatssecretaris voor Milieu Richard Benyon. De bewindsman krijgt steun van de supermarkten, die mordicus tegen zijn.
Uit een opiniepeiling blijkt echter dat iets meer dan de helft van de Engelsen geen moeite zou hebben met een heffing. Volgens Jeremy Irons leidt een financiële prikkel juist tot milieubewust gedrag.

Het Surinaamse plastic zakje
Al op 24 oktober 2010 schreef ik deze tekst:

‘(...) Supermarkten in Paramaribo. Ontelbare. Soms kom je in straten waar om de vijftig meter een supermarkt is. De een is kleiner dan de ander en velen zijn van Chinezen. Allemaal hebben ze hun eigen Chinese of andere naam. Vaak zijn ze in alle vroegte al geopend en sluiten ze pas laat in de avond. Winkelsluitingstijdenwetgeving? Het zijn ook nog eens hangplekken voor bijvoorbeeld buurtjongeren die zich ophouden op het erf voor de supermarkt en wachtlocaties voor taxi’s. De Surinamers zijn er blij mee, immers, je kunt op de meest vreemde momenten op de dag nog iets kopen dat je dringend nodig hebt, zoals beltegoedkaartjes of toiletpapier. Maar, bij alles wat je koopt tovert het kassameisje zwarte plastic zakjes tevoorschijn. Al je boodschappen worden netjes in die kleine, fragile, zakjes gestopt, van het zakje strooppoeder tot grote flessen Thrill of Busta of flesjes Parbo bier. Ook bij de op een hand te tellende grotere, luxere supermarkten als Choi’s of Tulip verlaat je de winkel met handen vol plastic zakjes en zakken. Waarschijnlijk verlaten bij de kleine supermarkten gemiddeld zo’n 500 zwarte plastic zakjes dagelijks iedere winkel om later te belanden of in de prullenbak of in de trens – let wel, dit is een lage eigen schatting. Dagelijks gaan er in de stad dus vele tienduizenden plastic milieu vervuilende zwarte zakjes over de toonbanken van supermarkten (en andere winkels)!

Het is een vorm van milieubelasting die eenvoudig voorkomen kan worden. Grote supermarkten zouden eigen (kunst)stoffen boodschappentassen kunnen laten maken en bij de kassa’s voor een paar srd verkopen. Dat kan bij Tulip aan de Tourtonnelaan, maar die tassen zijn weer net iets te klein.... Bezoekers kunnen dan wanneer ze weer boodschappen gaan doen die eerder aangeschafte boodschappentas weer meenemen. De boodschappentas zal op den duur de kleine zwarte en andere plastic zakken en zakjes kunnen uitbannen en de klanten van de supermarkten en winkels dragen dan op hun manier bij aan een schoner milieu. Ooit zal dit besef bij winkeliers en klanten moeten doorklinken. (...)’

Lange, lange weg te gaan van bewustwording
Ik hoop dat Surinaamse milieuorganisaties ook dagelijks het internationale nieuws volgen en het initiatief van Irons oppikken. Voor zover mij bekend is er in Suriname nooit op welke wijze en door wie dan ook ‘actie’ gevoerd tegen het plastic zakje. Surinamers staat er nog niet bij stil hoe vervuilend de zakjes zijn voor het milieu en dat er goede alternatieven zijn. Milieubewustwording heeft nog een lange, lange weg te gaan in Suriname. Later vandaag wandel ik naar ‘mijn snesi’, de buurtsuper’ met een stoffen draagtas. Want, neem ik die tas niet mee dan loop ik huiswaarts met mogelijk in iedere hand twee of drie zwarte of blauwe plastic zakjes, in de hoop dat ze heel blijven en niet onderweg kapot scheuren......

maandag 11 maart 2013

Nieuwswebsite tweemaal op een dag beticht van onjuiste berichtgeving

Berichtgeving over CAO-onderhandelingen Rosebel goudmijn en situatie rond markt Albina zou onjuist zijn

'Laten we ons niet in de maling laten nemen door Starnieuws, die met haar berichtgeving de situatie heeft laten escaleren.'

11-03-2013 Door: Paul Kraaijer


Paramaribo - De Surinaamse nieuwswebsite Starnieuws heeft vandaag in twee berichten ook over zichzelf bericht, en niet positief. In twee verschillende actuele issues wordt de redactie feitelijk beticht van het verstrekken van onjuiste informatie. In een van de kwesties wordt Starnieuws zelfs ervan beschuldigd een geschil tussen straatventers en de markt van Albina te hebben laten escaleren.

Het is op zijn zachtst gezegd opmerkelijk dat Starnieuws zelf hierover bericht. Maar, wat niet correct is van Starnieuws is dat de hoofdredactie - voorzover die er is - niet heeft ingegrepen in het artikel over de venters-kwestie in Albina. De lokale correspondent van Starnieuws Isaak Poetisi geeft in het artikel zelfs een sneer naar de persoon die zich negatief heeft uitgelaten over de al dan niet bedenkelijke rol van Starnieuws. Poetisi schrijft namelijk: '(...) De actievoerders, die het werk van een journalist vermoedelijk veel beter begrijpen dan de districtsbestuurder, reageerden fel tegen deze aantijging. (...)' 


Poetisi wil hiermee duidelijk laten blijken dat de districtsbestuurder hem kennelijk niet heeft begrepen. Maar, zou dat het geval zijn geweest? Het is van de medewerker van Starnieuws een kinderlijke wijze van reageren en ik mag toch aannemen dat Poetisi hierover ter plekke heeft gesproken met de bestuurder.

In het artikel over de staking van werknemers bij de Rosebel goudmijn wordt onder andere geschreven, dat de directie de werknemers meegedeeld heeft dat de berichtgeving over de CAO-onderhandelingen 'niet zou kloppen in Starnieuws'.


Beide artikelen laten een belangrijke vraag open: wie moet ik, als lezer, geloven? Moet ik altijd maar alles geloven ofwel klakkeloos voor waar aannemen, wat door een redacteur of 'journalist' wordt geschreven? In ieder geval zijn beide artikelen geen goede reclame voor de nieuwswebsite die geleid wordt door het Surinaamse 'media-icoon' Nita Ramcharan en waar ook nog eens werkzaam zijn de voorzitter en de vicevoorzitter van de Surinaamse Vereniging van Journalisten, SVJ. Met een dergelijke bestuursfunctie, zou ik absoluut niet werkzaam willen zijn bij een kwalitatief slecht inhoudelijke nieuwswebsite, waar dagelijks teveel journalistieke- en taalfouten in staan.

Deal tussen Suriname en Newmont is nog niet definitief

Ondanks hetgeen media berichten: Newmont-directie nog niet akkoord met overeenkomst

Obsession Magazine berichtte dat al eind november 2012

11-03-2013 Door: Paul Kraaijer


Paramaribo - Al maandenlang berichten Surinaamse media over 'de gouddeals' van Suriname. De regering zou in november vorig jaar overeenstemming hebben bereikt met de de Amerikaanse goudmijnmultinational Newmont en het Canadese IAmGold. Op 18 december werden de conceptovereenkomst met beide goudmijnbedrijven goedgekeurd door de Raad van Ministers. De Staatsraad bracht in de eerste week van januari 2013 een positief advies uit, waarna De Nationale Assemblee zich erover zal uitspreken.

Maar, Newmont liet via haar woordvoerder tegenover de redactie van Obsession Magazine op 28 november 2012 weten, dat nog niet vaststaat dat het bedrijf daadwerkelijk een goudmijn wil gaan opzetten in het Nassaugebied, in het oosten van Suriname.



Tot mijn verrassing blijkt vandaag de Ware Tijd wakker te zijn geworden en bericht:

'De Canadese goudmultinational Newmont kijkt uit naar de behandeling van haar goudovereenkomst met Suriname door De Nationale Assemblee (DNA). De maatschappij heeft de deal zelf ook nog niet goedgekeurd. Dat heeft Gary Goldberg, algemeen directeur van Newmont, vorige week gezegd tijdens een mijnbouwconferentie in Florida. (...)' 

Voor de volledigheid: klik hier voor meer informatie over hetgeen Goldberg heeft gezegd tijdens die conferentie.


Het artikel is zeer onduidelijk. Overigens blijkt ook uit het artikel, dat de redactie werkelijk geen idee heeft wat ze schrijft en dat er ook weinig kennis van zaken aanwezig is. Immers, Newmont is geen Canadees bedrijf, maar een Amerikaans bedrijf......

zaterdag 9 maart 2013

NOS Nieuws vindt aanwezigheid Bouterse bij afscheid Chávez ‘opvallend’

Correspondent Dick Drayer spreekt van ‘opmerkelijk’

Weer bericht NOS stigmatiserend en bevooroordeeld over Surinaamse president

09-03-2013 Door: Paul Kraaijer


Paramaribo - Hoorde ik vrijdagavond 8 maart 2013 toch echt de presentator van het NOS Journaal, Rob Trip, zeggen dat de aanwezigheid van de Surinaamse president Desi Bouterse bij het afscheid die dag in Caracas van de overleden Venezolaanse president Hugo Chávez 'opvallend' is en werd Bouterse in één adem genoemd met de Iraanse president Mahmoud Ahmadinejad.

Correspondent Dick Drayer sprak zelfs van ‘een opmerkelijk rijtje’ buitenlandse gasten en noemde ook Ahmadinejad en Bouterse in één adem... Hij kwam niet verder dan slechts deze twee namen van aanwezige presidenten en concludeerde vervolgens dit ‘rijtje’ ‘opmerkelijk’ te vinden.


Hoezo 'opvallend', hoezo ‘opmerkelijk’?
Weet de gehele NOS-redactie dan niet dat Bouterse en Chavez goede vrienden van elkaar waren......

De NOS-correspondent in Paramaribo, Harmen Boerboom, had donderdag 7 maart nog bericht: ‘De Surinaamse president Bouterse gaat vrijdag naar Venezuela om de begrafenis van zijn overleden ambtgenoot bij te wonen. Dat heeft hij bekendgemaakt op een persbijeenkomst in Paramaribo. Bouterse omschreef de persoonlijke band die hij met Chávez had als heel goed en heel intens. ‘Ik had heel veel respect voor hem en ik denk dat hij dat ook voor mij gehad heeft.’ (...)’

Bouterse had zelfs voor vrijdag 8 maart een dag van nationale rouw in Suriname afgekondigd! Was dat aan de selectieve aandacht van de NOS Nieuws-redactie in ilversum voorbij gegaan?

Tendentieus
Het is mij een raadsel waarom de NOS in Hilversum steeds de Surinaamse president op een bevooroordeelde en stigmatiserende wijze belicht in haar berichtgeving, terwijl daar totaal geen aanleiding voor is. De wijze van berichtgeving kan wat mij betreft zelfs als tendentieus worden omschreven......

woensdag 6 maart 2013

‘Communicatie als managementinstrument’ en meer communicatieve 'humbug'/'baloney'

De logica van Jane Kolf-Bergraaf: ‘Informatieverstrekking vanuit overheid is nogal eenzijdig’

Een zoveelste ‘masterclass-cursus’

06-03-2013  COLUMN    Door: Paul Kraaijer


Paramaribo – Enkele weken geleden schreef ik al een kritisch artikel over de cursusleidster Journalistiek binnen de de studierichting Journalistiek van de vermeende HBO Academie voor Hoger Kunst en Cultuur Onderwijs (AHKCO), Jane Kolf-Bergraaf. Een dame met te weinig kennis van zaken wat betreft het journalistieke metier, maar wel een dame met jarenlange ervaring als voorlichtster bij het ministerie van Onderwijs en Volksontwikkeling.

Kruisbestuivingen
Jane Kolf-Bergraaf is ook nog eens directeur van het bureau Kolberg Media Consultancy, waarover op het internet geen enkele informatie is te vinden, zelfs geen eigen website. Een kruisbestuiving met de AHKCO ligt voor de hand.... Kolberg Media Consultancy en trainingen startte in 2007 een samenwerking met de AHKCO met het aanbieden van pr- en voorlichtingstrainingen.

Vorige week woensdag hield haar bedrijf een eerste zogenoemde ‘masterclass-cursus’ voor leidinggevenden binnen organisaties. ‘De informatieverstrekking vanuit de overheid is nogal eenzijdig. De samenleving heeft weinig inspraak op het communicatiebeleid van de regering’, aldus Kolf-Bergraaf.

Natuurlijk, eenzijdige overheids informatieverstrekking
Is het niet voor de hand liggend dat informatieverstrekking vanuit de overheid nogal eenzijdig is en dat de samenleving nauwelijks inspraak heeft op het communicatiebeleid van de regering? Is informatieverstrekking vanuit bijvoorbeeld een bedrijf ook niet nogal – vanzelfsprekend en voor de hand liggend - eenzijdig. Volgens mij zoekt mevrouw Kolf-Bergraaf ‘problemen’ die er niet zijn. Neen, zij zoekt weer aandacht.

Op de training werd de noodzaak van communicatie als managementinstrument belicht. De groep participanten bestond hoofdzakelijk uit leidinggevenden van overheidsinstanties, aldus was gisteren te lezen in de Ware Tijd.

Hoewel het volgens haar wel de goede kant opgaat, vindt Kolf-Bergraaf dat er binnen het huidig communicatiesysteem van de overheid nog steeds een eenrichtingsstructuur is. Kolf-Bergraaf stelt voor de samenleving te betrekken door bijvoorbeeld een overheidswebsite, terwijl haar eigen bedrijf niet eens beschikt over een website.‘ Maar, wat bedoelt zij in vredesnaam met het betrekken van de samenleving ‘door een overheidswebsite’. Weet zij niet dat een dergelijke website al bestaat, gov.sr?

Geen beïnvloeding van burger, maar de burger voorzien van informatie
Overheidscommunicatie is beïnvloeding van het gedrag van elke burger. Door een simpel programma vanuit de overheid ga je dit gedrag niet kunnen beïnvloeden’, vindt zij verwijzend naar informatieprogramma's van de ministeries. Een vreemde redenering. Wil je als overheid in de eerste plaats iedere burger ‘beïnvloeden’? Dit heeft een nogal suggestieve, negatieve klank. De overheid wil met haar programma’s de burger informeren, logisch. De overheid wil met haar programma’s de burger van informatie voorzien. Is dat beïnvloeding? Niet in mijn perspectief.

Suriname zou volgens Kolf-Bergraaf een voorbeeld kunnen nemen aan het systeem van Nederland, waarbij het communicatiebeleid door een speciale commissie wordt beoordeeld. Ik heb werkelijk geen idee wat die dame hiermee bedoelt: ‘het systeem van Nederland’, alsof afdelingen voorlichting bij overheden in Nederland volgens een speciaal systeem zouden werken. Neen. En welke speciale commissie beoordeelt het communicatiebeleid? Heb ik iets gemist de afgelopen jaren?

Masterclass van generlei waarde
Het is weer de wazige manier waarop Kolf-Bergraaf zich meent uit te moeten drukken. Ik verbaas me er iedere keer weer over dat er mensen en instanties en dergelijke in Suriname zijn die geloven in de woorden van iemand als Jane Kolf-Bergraaf en deelnemen aan- en investeren in haar cursussen, neen, masterclasses, want dat klinkt wat chiquer en staat ook beter op het cv......, ‘masterclass’, ook al heeft het nauwelijks tot geen waarde als het wordt verzorgd door een vrij onbekend ‘media consultancy’ bureau.

Hoe betrouwbaar is het Surinaamse nieuws?

Media goochelen met cijfers en laten lezers met vragen achter

Hoe verifieert de Surinaamse journalist zijn nieuws en ‘betrouwbare bronnen’ als dat nieuws al wordt geverifieerd...

06-03-2013 Door: Paul Kraaijer


Paramaribo – De arrestatie vandaag in het district Coronie van een paar brandweerlieden, die op heterdaad werden betrapt op de smokkel van zes illegale Guyanezen in hun brandweerwagen, heeft vandaag in de media geleid tot verwarring.

Zes, vier?
Verwarring voor wat betreft het aantal opgepakte brandweermannen. De Ware Tijd Online berichtte in eerste instantie dat de politie van Coronie zes brandweerlieden had aangehouden. De online-editie van de krant schreef later echter ‘uit betrouwbare bron’ te hebben vernomen, dat het ging om vier brandweerlieden die zes illegale Guyanezen vervoerden.

Neen, twee......
Maar, Starnieuws berichtte later vandaag, dat het ging om twee brandweerlieden en vijf Guyanezen, waaronder een kind van vier jaar. De nieuwswebsite schreef zich te baseren op informatie van de afdeling Voorlichting van het Korps Politie Suriname.

 

De brandweermannen reden in een dienstvoertuig met loeiende sirene langs de politiecontrolepost te Burnside, in Coronie. De politie vond dat verdacht, omdat er geen melding was van een brand, en reed de brandweerwagen klem.

Drie en zowaar een burger
In een ‘update’-bericht van de Ware Tijd werd geschreven, dat zich onder de zes Guyanezen een jongetje bevond van vier jaar jong en dat die inmiddels aan de moeder was overhandigd, die met een Guyanese nationaliteit legaal in Suriname verblijft. Het ‘update’-bericht wordt later weer gewijzigd: het waren geen vier brandweermannen, maar drie en een burger. Onduidelijk is echter, van wie de redactie die gewijzigde informatie heeft ontvangen. Een bron wordt niet vermeld.

 

Het zichzelf nieuwswebsite noemende GFC Nieuws vermeldde in haar berichtgeving in de eerste zin van een artikel over de arrestatie, dat het ging om ‘Vier brandweerlieden (....)’, terwijl een aantal alinea’s verder wordt geschreven ‘(...) De brandweerauto werd tot stoppen gebracht en onderzocht. Bij die gelegenheid zijn 3 brandweer lieden, een Surinaams staatsburger en 6 Guyanezen in de auto aangetroffen. een van de Guyanezen is een jongen van 4 jaar oud. (...)’
Plotseling zijn binnen de context van één artikel vier gearresteerde brandweermannen, drie brandweerlieden en een Surinaams staatsburger geworden. Maar, zijn die brandweerlieden ook niet gewone Surinaamse staatsburgers?

Onzorgvuldigheid journalist leidt tot gegoochel met cijfers
Het gegoochel met cijfers laat duidelijk zien hoe onzorgvuldig journalisten werken. Kennelijk wordt verzuimd, uit een vorm van gemakzucht of luiheid, om verkregen informatie te verifiëren. De journalist in Suriname geeft blijk veel waarde te hechten aan verkregen informatie van vermeende ‘betrouwbare bronnen’. Maar, al te vaak blijken die ‘bronnen’ de plank finaal te hebben misgeslagen en werd de journalist gedwongen een bericht te rectificeren, aan te vullen of anderszins aan te passen. Hier speelde ongetwijfeld weer de scoringsdrift van journalisten mee: zo snel mogelijk nieuws willen brengen, ongeacht de betrouwbaarheid ervan en van wie dat nieuws afkomstig is. Dat het nieuws van vermeende ‘betrouwbare bronnen’ afkomstig is en niet van de instantie van wie de journalist zijn of haar politienieuws zou moeten ontvangen, de afdeling Voorlichting van het Korps Politie Suriname, zal de nijvere journalist een zorg zijn. Hij wil scoren, desnoods met onjuiste informatie in zijn artikel.

Ondermaats en onbetrouwbaar
De diverse berichtgeving vandaag over de arrestatie van een paar brandweerlieden in het district Coronie toont weer eens de onbetrouwbaarheid aan van de inhoud van artikelen. Wat of wie moet je als lezer nog geloven? De inhoud van welk artikel is juist? De kwaliteit van de Surinaamse journalistiek blijft op deze wijze ondermaats en onbetrouwbaar.